Doek


Op 27 augustus 2017, in Algemeen, door Ron

rooddoekMeer dan zestien jaar schrijf ik nu berichtjes op internet. Nadat ik aan het begin van het jaar tweeduizend een website voor de school ontworpen had, toen stond het hele internet nog in de kinderschoenen, schreef ik vanaf maart tweeduizend en een diverse stukjes in verschillende vormen.
Eerst als een (veel besproken) dagboek, waarbij ouders mee konden lezen hoe het leven en werken op school er aan toe ging, later in een blogvorm als een blik op de week en daarna als ‘losse flodders’ van onderwerpen die ik op dat moment interessant of opmerkelijk vond.

Nu, zo’n zeventien jaar later en inmiddels een inleidende zes in mijn leeftijd, heb ik besloten te stoppen. Enerzijds is het best een belasting om elke week wat te schrijven, het is geen knip- en plakwerk, en anderzijds denk ik dat het bloggen op de manier zoals ik dat doe wat achterhaald is. Het is, denk ik, een sociaal medium dat iets te traag en te uitgebreid is voor onze snelle maatschappij, waarin ‘even snel’ een steeds vaker voorkomend begrip is. Ik vind dat best jammer, maar wellicht ben ik hierin wat te ouderwets.

Hoe dan ook, ik ga mijn trouwe lezers bedanken voor hun jarenlange interesse. Ik heb het graag gedaan, maar de koek is op; ik sluit het doek. Tijd voor andere dingen, waarvan ik nog niet weet wat, maar geen internetactiviteiten van gelijke strekking. Wel behoud ik mijn Twitter, waarvan ik ook eerlijk moet toegeven dat mijn interesse ervoor wat wegebt, en mijn YouTube-kanaal, waarop het ook al een tijdje erg stil is.

De site en de domeinnamen blijven in de lucht totdat de termijnen verstreken zijn.

Het gaat jullie goed !
Nogmaals bedankt voor jullie interesse.

 

 

 

Water


Op 20 augustus 2017, in Dagelijkse beslommeringen, door Ron

WaterLaten we het vandaag maar eens over water hebben en dan niet over al dat water dat de afgelopen tijd naar beneden is komen vallen en mijn schilderwerk danig in de war bracht, maar over het leidingwater. Ik probeer al een tijdje zuinig aan te doen met water. Een beetje spaarzaamheid is immers beter voor het milieu en voor de portemonnee.

Anderhalve maand geleden moest ik mijn watermeterstand doorgeven. Een akelig werkje in een donker vochtig kruipgat. Niet mijn favoriete bezigheid, maar met de wetenschap dat ik wellicht minder water had verbruikt dan voorgaande jaren, ging het me iets makkelijker af.

Aangezien de gemiddelde Nederlander volgens de statistieken vijftig kuub water per jaar verbruikt, zat ik met mijn drieëntwintig kuub al redelijk zuinig. Deze week viel de afrekening in de bus en ik viel werkelijk van de ene verbazing in de andere. Mijn verbruik was inderdaad minder. Vier kuub minder en daar was ik best blij mee. Diverse maatregelen hebben vruchten afgeworpen. Ik dacht dus, net als met de afrekening van de elektriciteit, wel wat terug te krijgen van mijn betaalde voorschotten van negen euro per maand. Dat is op zich al niet zoveel natuurlijk. Toch berekende ik een besparing van een dikke vijftien procent.

Reken je maar niet rijk mensen. Wanneer je bespaart op je waterverbruik levert dat bar weinig op. Een kuub water kost je grofweg negentig cent. En hoe ze het berekenen, dat weet ik niet, maar van het jaarbedrag van honderd en zes euro kreeg ik drieënzestig cent terug. Ondanks mijn zuinigheid blijft het maandbedrag hetzelfde.

Hoe komt het dan dat je voor negentien kuub dan geen negentien keer negentig cent moet betalen ? Dat komt omdat dit de prijs is voor het water alleen. Dan is het nog niet bij je binnen en heeft de staat er nog niets aan verdiend. En de gemeente.
In mijn geval zijn de leveringskosten een dikke vijftig euro per jaar. De staat pakt daar nog eens zes euro vijftig vanaf in de vorm van belasting op leidingwater en de gemeente rekent een precarioheffing van achttien euro. Daar bovenop komt nog eens zes euro BTW. Dit terwijl mijn water mij zeventien euro kostte.

Er zijn dus heel wat extra posten die bij dat water komen kijken. En percentagegewijs is dat stempel van die extra posten zo groot, dat je je kunt besparen wat je wilt, maar dit nooit gaat kunnen voelen in de portemonnee. Dus is er maar één conclusie te trekken. Als je water bespaart dan is dat beter voor het milieu. Daar moeten we het dan mee doen en op zich een nobel streven.

Maar voor al die bijkomende kosten mag je, denk ik, wel verwachten dat het water van een goede kwaliteit is. Daarover zijn inmiddels twijfels, want ook in Zeeland worden er waardes verontreiniging gemeten, die in feit niet in leidingwater thuis horen. Dit dankzij lozingen van fabrieken elders in het land. Ik lees hier al maanden over, de zogenaamde GenX-kwestie, maar daar wordt schijnbaar niets aan gedaan. De hoeveelheden zijn te gering.

 

Groen II


Op 13 augustus 2017, in Dagelijkse beslommeringen, door Ron

groen2Als je een beetje opzien wil baren of om aanspraak verlegen zit, dan moet je je huis maar eens groen gaan schilderen, mensen, want je krijgt geheid commentaar. Een aantal mensen vonden het ‘apart’. Nou, dan weet je al genoeg. De buurvrouw van twee huizen verderop vroeg zich af of de grondverf van tegenwoordig groen was. Nee buurvrouw, die kleur gaat het worden. Een andere buurvrouw vond de combinatie met het wit best mooi. Nee buurvrouw, dat is de grondverf.
Sommige fietsers, en ze rijden hier met bosjes voorbij, want hier zit een fietsknooppunt, proesten nog net niet en zeggen glimlachend gedag. Even later hoor je dan: ‘Groen !’ of ‘Grün !” En als ik mensen dan vertel dat ik me heb laten inspireren door de tuin, dan zie je dat ze met moeite de hand naar beneden houden om niet tegen het hoofd te gaan tikken met de vinger.
Het zal mij verder een worst wezen, ik vind het mooi en geloof me, als het af is, is het een plaatje.

Op de inzet zie je de combinatie van groen die ik gebruik. Je kunt tegenwoordig de meest fraaie kleuren laten mengen bij de bouwshop met namen als ‘Schaduw’, ‘Steen’ of ‘Nacht’. De gevel is schaduwgroen, hert paaltje is nachtgroen en de buis is steengroen (olijfkleurig). De ouderwetse spatstrook onderaan heb ik zelf gemengd en is heel erg donkergroen, bijna zwart. Een regenpijp, die wat verderop van boven naar beneden loopt, heb ik grijs gedaan en tegen die groene muur krijgt dat grijs ook iets groens. Best mooi.

Voorlopig zit het werk er nog niet op, maar ik hoop de onder-voorgevel klaar te krijgen en als het meezit een nieuwe goot te hangen. En zoals gedacht zijn de kozijntjes een eind op, dus is het schilderen en restaureren. Ik vind dat best leuk werk, maar het houdt nogal op door al dat schuren en plamuren. Vroeger had ik overal gewoon overheen geschilderd, maar nu, het zal de leeftijd zijn, denk ik, wil ik het wat degelijker en nauwkeuriger.

En omdat ik niet zo vaak schilder, loop ik nog al eens tegen dingen aan waarvan ik denk: ‘Moet dat nou ?’ Zoals een goed uitgespoelde kwast met terpentine, die dan bij een volgende klus toch nog oude verfkleur laat zien. Eigenlijk zou je bij elke pot een toegewezen kwast moeten houden. Oh ja, plak een vers geschilderde muur niet af met afplakband; je trekt de hele zooi eraf bij het verwijderen. Schuur geen grondverf die nog net niet droog is en denk nooit dat iets in één keer dekt. En een bordje ‘NAT’ is geen overbodige luxe wanneer de postbode gewoontegetrouw zijn fiets tegen je buis parkeert.

Maar het allervervelendst zijn toch wel de vliegen. Die zijn er een heleboel, want de luizenplak uit de bomen lijken ze heerlijk te vinden. En een keertje zo’n vlieg op je arm of je hoofd tijdens het schilderen is nog te doen, maar om de haverklap is echt vervelend. Je wuift die beesten ook niet zomaar weg, want je staat met een kwast in je hand op een trapje. En steeds maar letten op de deur. Dat die niet open blijft staan. Anders heb je de hele handel binnen. En wie dacht dat muggen alleen maar ‘s nachts prikken, die heeft het toch echt mis. Ook tijdens het schilderen zoeken ze een gelegenheid om even bij te tanken. Om het even welk uur.

Verder beleef ik er een berg plezier aan hoor. Zomaar een beetje in de weer zijn met verf en spul is heerlijk. Je hoeft namelijk alleen maar aan dat te denken, dus je hoofd wordt lekker leeg. En doordat ik tussendoor ook al schilder (wat echt niet slim is), zie je het ‘worden’. En in gedachten etaleer ik al mooie potten met planten voor die aparte gevel van me. Dat zal het af moeten maken.

Slakken vinden het ook mooi. Die heb ik er al een paar van de muur moeten halen. Die zijn een beetje in de war, denk ik. Zoveel groen is te mooi om waar te zijn. Ook voor een slak.

 

Groen I


Op 6 augustus 2017, in Dagelijkse beslommeringen, door Ron

groenIk denk dat het een maand of twee geleden is toen er bij mij in de brievenbus een foldertje zat van de gemeente Noord-Beveland. De strekking was dat mensen die binnen een beschermd dorpsgezicht wonen in aanmerking komen voor subsidie wanneer ze besluiten hun woning op te knappen of te onderhouden.

En het vreemde is dat je je eigenlijk wel een beetje aangesproken voelt. Jawel, de staat van onderhoud kan beter en het wordt hoog tijd daar wat aan te doen. Dat was ik eigenlijk al van plan en subsidie hoef ik daar niet voor. Ik heb geen zin om in de weer te gaan met bonnetjes, plannen of foto’s. Als ik aan de slag ga, dan doe ik dat op mijn manier. Lekker relaxt en planloos.

Kortom, ik ben al een week bezig aan de voorzijde van het huis. Voornamelijk met schuren, plamuren en opruimen van zooi. Tussen de buien door, want het weer heeft geeft zin om mee te doen, lijkt het. De staat van de kozijntjes is nog net te doen. Ze zijn te restaureren, maar of ze het tien jaar gaan houden, dat weet ik niet. Als het kan, probeer ik het plaatsen van kunststof kozijnen zo lang mogelijk uit te stellen. Ik vind dat niet mooi.

De muur is gedaan met een staalborstel, lekker stoffig. Hier en daar was bijwerken noodzakelijk. Met dank aan Beamix, Knauf en Albastine is het weer heel geworden. De goot is kapot, zag ik. Dankzij de buurman die zich ooit eens verstapte toen hij zijn dak op ging, maar zei dat hij het gerepareerd had. Niet dus. Er zal een nieuwe goot geplaatst moeten worden. Dat gaat goed in je eentje, maar voor dat kleine dakkapelletje zal ik de hulp van mijn zoon in moeten roepen, denk ik. Dat is wat hoger en ingewikkelder.
Als laatste ga ik mijn deur restaureren, want ook daar gaat geen kunststof in, nog niet. Ik ben dus nog even bezig en ik heb er geen kijk op of dat allemaal in deze vakantie gaat lukken.

En dan gaat het over kleur. Ik hoef niet te overleggen met iemand, dat is makkelijk en al schurende kom je een leuke geschiedenis aan kleuren tegen. Grijs met bordeaux-rood  of blauw met room-wit. Ik vond dat mooie combi’s en het lag een beetje voor de hand dat het zo’n zelfde combinatie ging worden, totdat ik op een dag met een bakkie in de tuin zat. Eigenlijk is dat groen met al haar nuances best mooi en aangezien je bij elke bouwmarkt nu je eigen kleuren kan laten mengen, heb ik nu drie kleurtjes groen klaarstaan. De muurverf op waterbasis, maar de andere verf toch zeker op terpentinebasis. Lakverf op waterbasis is wellicht milieuvriendelijk, maar is niet duurzaam.

Ik heb geen idee of het mooi gaat worden. Je ziet het ook niet zoveel. Maar ik denk dat het niet lelijk kan zijn, wel een tikkie vreemd. Een paar mooie potten voor de gevel met planten moet een beetje tuingevoel geven aan de voorkant. In mijn hoofd zie ik het al een beetje voor me, maar mocht de praktijk erg tegenvallen, dan zijn een paar potten verf zo gekocht.

 

Jongens


Op 30 juli 2017, in Algemeen, door Ron

sire_jongens‘Laat jij jouw jongen genoeg jongen zijn ?’ is de titel van de nieuwe campagne van SIRE. Ik zag hem vorige week voorbij komen op televisie.
De campagne richt zich er voornamelijk op dat jongens zich anders ontwikkelen dan meisjes, maar daar onvoldoende de ruimte voor krijgen, omdat ‘jongensgedrag’ vaak wat (te) wild is en minder wordt gewaardeerd door de omgeving.
Jongens zouden zich beter ontwikkelen door veel te bewegen, door te experimenteren, te ontdekken of door bepaalde risico’s te nemen.

En ik moet je eerlijk bekennen dat het me wel even liet nadenken. Over mijn eigen jeugd, over de opvoeding die ik mijn eigen zoon heb gegeven en natuurlijk de jongens op school.

In mijn jeugd was ik veel op straat te vinden, omdat ik binnen niet zoveel had. Een straatjochie met straatvriendjes, waaronder goede en slechteriken. Daar kom je vanzelf wel achter. In mijn tijd was er trouwens nog niet zoveel om je binnen mee bezig te houden, dus je zocht je heil al gauw buiten. Mijn vader was vaak te druk met werken en mijn moeder vond al die levendigheid in huis geen geweldig plan. De kans op rottigheid was voor mij binnen eigenlijk groter dan buiten. Mijn broer was wat serieuzer en mijn zus was een echt meisje, zoals in het rolpatroon waarmee ik groot geworden ben. Ik hoefde niet gek te doen voordat ik bonje kreeg met iemand in huis. Met het hele gezin in één autootje was destijds dan ook een regelrechte ramp.
Ik zocht dus zelf de ruimte op om ‘jongen’ te zijn..

Mijn eigen zoon heb ik ook best vrij gelaten in bepaalde opzichten. Lekker veel naar buiten en als je daar niets te doen hebt, kom je gewoon naar binnen, maar moeten hoef je niets. Ik ben zelden boos geweest op mijn zoon, ook niet in zijn puberteit.  En ik denk omdat dat kwam dat ik niet vaak ergens een probleem van maakte. Toch bespraken we een berg, maar meer als maatjes. Ik weet nog dat ze van het voortgezet onderwijs belden met de mededeling dat het echt niet goed ging. Ik vond het echter niet mijn taak om mijn zoon ervan te overtuigen dat de lessen boeiend waren. Dat heb ik herhaald op de rapportbespreking. Ik wil er zijn voor mijn zoon wanneer hij het moeilijk heeft, op welke manier dan ook, maar als hij met tegenzin naar school gaat, dan is dat toch echt niet mijn probleem.
Maar mijn zoon heeft wel ruimte genoeg gekregen om zich te ontwikkelen, denk ik.

En om nu te zeggen dat jongens op dit moment anders zijn dan anders, zoals in de SIRE-campagne gesteld wordt, dat gaat me wat te ver. Jawel, ik denk dat wanneer ‘men’ een kind veel op straat ziet, men daar wel een mening over heeft. Maar dat kan wat mij betreft ook een meisje zijn. Ik zie dat verschil niet zo, ook niet in de manier van ontwikkelen. Het ene kind ontwikkelt zich nu eenmaal anders dan het andere. Dat je als kind minder ruimte krijgt, dat denk ik wel, maar vergeet daarbij niet dat de maatschappij ook is veranderd. Van mij had de titel: ‘Laat jij jouw kind genoeg kind zijn ?’ een betere keuze geweest.
Ik ben van mening dat kinderen vandaag de dag te weinig vrije ruimte krijgen en dat er teveel geregeld is. De maatschappij is immers meer geregeld dan voorheen, veel mensen verwachten ook dat kinderen een geregeld bestaan moeten hebben en ik zie dat er steeds meer mensen zijn die niet zoveel met kinderen hebben.

Verder, en dat zien we in het onderwijs natuurlijk als geen ander, zijn de man-vrouw verhoudingen wat zoek en heb je als kind wel erg vaak met vrouwen te maken. Vaak krijg je les van een juf, doorgaans een uurtje of vijf per dag, zie je bij de opvang vaak een juf of bij de vereniging en als je een beetje pech hebt ben je een kind van gescheiden ouders, dat negen van de tien keer bij hun moeder gaat wonen. En als je veel pech hebt wordt je dan ook nog eens betrokken bij alle volwassen problemen die daarmee gepaard gaan.

Maar goed, ik denk dus dat het niet zo zeer gaat om de manier waarop je je als kind ontwikkelt, maar om de ruimte die je krijgt om je te ontwikkelen. De rol van de ouder hierin is, overigens net als vroeger, erg groot.
Of je nu een jongen bent of een meisje.

 

Adriaen Coorte


Op 23 juli 2017, in Kunst en cultuur, door Ron

vanitasIk had het laatst op Twitter met iemand over Adriaen Coorte. De dame had er nog nooit van gehoord en ik tot voor kort ook niet, totdat ik een maandje of twee geleden wat sites bezocht over kunst en stillevens in het bijzonder.
Ik kan soms erg geboeid raken door schilderijen. Meestal iets surrealistisch of magisch realistisch, maar ook zeer gedetailleerde stillevens trekken mijn aandacht.
Ik heb er hier in huis zelfs een aantal aan de muur hangen. Weliswaar geen Coortes, maar tafereeltjes die mij op de één of andere manier boeien.

Wie was die Adriaen Coorte eigenlijk. Dat ik er, en jij waarschijnlijk ook, nog nooit van gehoord had is niet zo bijzonder. Tot half twintigste eeuw had bijna niemand er iets van gehoord of gezien, terwijl de man half zeventiende eeuw geboren is. Zo’n zestig jaar geleden is de man door de directeur van het museum in Dordrecht ‘herontdekt’. Nu hangt zijn werk overal en geniet de man bekendheid. Het Zeeuws museum heeft ternauwernood nog een schilderij van hem kunnen aankopen, dat jaren hing in het burgerweeshuis van Zierikzee. Een zogenaamde vanitas (zie inzet).

Vanitas is een veel gebruikte term in de schilderkunst en heeft te maken met de symboliek van geschilderde objecten. Schedels, gedoofde kaarsen, omgevallen wijnglazen, verwelkte bloemen of verstofte boeken stonden vaak symbool voor de vergankelijkheid van het aardse leven. Leuk om te weten, maar ik kan met name gefascineerd raken door de nauwkeurigheid waarmee de dingen geschilderd zijn en de compositie van het tafereel.

Maar Adriaen Coorte, onthoudt die naam, een Zeeuws kunstenaar. Geboren in IJzendijke en overleden in Middelburg of Vlissingen, daar is men niet zeker van. Heeft gewerkt in Amsterdam en heeft daar waarschijnlijk het vak geleerd en inspiratie opgedaan bij Melchior d’Hondecoeter (overigens een geinige naam voor iemand die voornamelijk dieren schilderde). Coorte schilderde geen dieren, maar hield het vooral bij schelpen, aardbeien, perziken, bessen en ander fruit. Een zeer geliefd onderwerp van de schilder was de asperge:

asperges

Na wat zoeken op internet kom ik erachter dat het geboortehuis van Coorte er nog staat. Markt 3 in IJzendijke. Ik ga op dat marktje af en toe wel eens een frietje eten op een bankje. Ik weet zeker dat ik vanaf nu met andere ogen naar dat huis zal kijken. Coorte is er alleen maar opgegroeid. Na het overlijden van zijn vader is zijn moeder met de kinderen naar de Gortstraat in Middelburg verhuisd. Petronella, zo heette de moeder, ging daar in het tuinhuisje van de woning van haar vader wonen.

Ik sluit af met een fotootje van dat huis in IJzendijke.

markt3

 

Vakantie


Op 16 juli 2017, in School, door Ron

vakantieDe vakantie is aangebroken voor de regio zuid Nederland. De regio midden heeft al een week te pakken en de regio noord moet nog een weekje wachten. Vakantiespreiding heet dat, we krijgen in drie stukken vakantie. Geen idee waarom, maar het zal ongetwijfeld een bedoeling hebben, wellicht een economische. Het vakantieseizoen wordt op deze manier alles bij elkaar wat langer.

Hoe dan ook, onze schooldeuren zijn zes weken gesloten voor leerlingen. En dat is dik verdiend, want we hebben een mooi schooljaar achter de rug. In alle opzichten. Weinig ziekteverzuim bij leerkrachten, weinig gedoe bij leerlingen onderling, leuke contacten met ouders, stevige plannen in de steigers gezet en dat is allemaal wel eens anders geweest. Naar mijn gevoel zijn we qua pedagogisch klimaat met de school waar we zijn moeten. Nu wordt het tijd om andere zaken aan te pakken. Uitdagingen genoeg (zoals altijd).

Wel hebben we dit schooljaar afscheid moeten nemen van twee dijken van leerkrachten. In februari vertrok er een leerkracht naar Wilhelminadorp om er directeur te worden en afgelopen week hebben we afscheid genomen van een leerkracht die directeur geworden is op mijn oude schooltje hier op het dorp. We zijn zo’n beetje hofleverancier van directeuren geworden, maar twee van die vertrekken in één schooljaar tijd is misschien wel iets teveel van het goede. Dat laat wat ‘gaten’ achter. We krijgen er gelukkig wel weer prima leerkrachten voor terug. Oude bekenden, waarvan ik weet dat ze wat in hun mars hebben.

Voor mij, en ook een aantal andere collega’s, is het nog geen vakantie. Ik heb nog werk te doen, zaken af te ronden, en daar ben ik de komende week nog wel zoet mee. Ik kan wel mijn eigen uren indelen, dus ik hoef er niet perse vroeg uit. Ook is het in de school een rommeltje, zodat ik minimaal één dag met de Caddy richting Kloetinge ga om vuilnis en rommel af te voeren. Er staat donderdag nog een overleg gepland met de gemeente over de aanstaande nieuwbouw. Ik weet niet wat het overleg inhoudt, maar zeker is dat het over geld gaat. Er ligt een mooi ontwerp, maar anderhalf miljoen blijkt dus ontoereikend om het te verwezenlijken. Ja, het leek in eerste instantie veel, maar nu blijkt het erg weinig. Ik heb eens geïnformeerd bij andere nieuwbouwende collega’s in andere gemeenten en die blijken een veel ruimer budget te hebben. Minimaal het dubbele. Afwachten dus.

Wat ik verder in mijn vakantie ga doen, dat zie ik wel. Net als anders dus. Wil ik weg, dan ga ik weg en anders is er nog genoeg te klussen, want dat houdt nooit op. Tussendoor een beetje Tour de France kijken en van de cabrio genieten. Ik ga gewoon de dag plukken zoals hij komt.

Veel plezier gewenst in jullie vakantie !
Geniet ervan.

 

N255


Op 9 juli 2017, in Dagelijkse beslommeringen, door Ron

n255Het is eigenlijk de enige ‘serieuze’ weg op Noord-Beveland, de N255 of Oost-Westweg. En zoals de naam al doet vermoeden loopt de weg van oost naar west of, zoals je wilt, van west naar oost. Volgens Wegenwiki is het een tweestrooks stroomweg met een maximum snelheid van honderd kilometer per uur, waar inhalen niet is toegestaan.

Dat veel Noord-Bevelanders gebruik maken van deze weg behoeft geen uitleg; het is zowat de enige weg om van het eiland af te komen. Ik gebruik deze weg dagelijks, soms vier keer per dag, wanneer ik ‘s avonds nog moet werken. En dan gaat het een beetje je eigenweg worden. Ik weet niet hoe andere bewoners dat ervaren, maar het is een beetje onze weg. Je kent er elk hobbeltje en elke bocht, hoewel er van beide niet zoveel zijn, want die Oost-Westweg ligt er eigenlijk altijd strak bij. Ik vind het een mooie weg, die heel relaxt rijdt.

Een stroomweg is het echter niet, want bij Wissenkerke moet je toch even in de remmen voor een rotonde, maar dat is eigenlijk het enige oponthoud dat je tegenkomt. We hebben ook borden voor overstekend wild. En ja, dat is geen loze waarschuwing. In de ruim vijfendertig jaar dat ik de weg gebruik, heeft er al menig automobilist een dier aangereden. Zelf heb ik een aantal keren dieren gezien, maar nooit midden op de weg. Dus het blijft echt uitkijken geblazen wanneer je langs het bos rijdt.

Ik denk dat ze zo’n anderhalve maand geleden begonnen zijn met het plaatsen van gele borden. En ik weet niet hoe dat bij jou gaat, maar bij mij duurt het altijd even voordat ik besef wat er op die borden staat. Pas wanneer ik er een aantal keren voorbij gereden ben, wordt het duidelijk. De Oost-westweg krijgt een nieuw jasje en dat gaan ze tussen die en die datum ‘s avonds en ‘s nachts doen. Dit gebeurt wel meer en ik hield al redelijk rekening met wat hinder door omrijden.
Maar ik moet eerlijk zeggen, dat ik er bar weinig van gemerkt heb. Ik moest op drie avonden omrijden. maar overdag kon je gewoon gebruik maken van de weg. Dan kon je niet overal volle bak, maar veel oponthoud was het zeker niet. En het leuke was, dat je elke dag het wegdek zag veranderen. Oude dek eraf, eerste laag erop, nieuwe toplaag, verfstrepen en als laatste een mooie groene strook in het midden. En dat herhaalde zich een aantal keren.

Als een weg blij kon zijn, dan was het wel onze Oost-westweg. Ze ligt er weer mooi te zijn, met diepzwart, helder wit en frisgroen. Kan ze er weer jaren tegen, want, zo las ik ergens op internet, per dag gaan er tussen de acht- en negenduizend voertuigen overheen. Dat is meer dan het totaal aantal inwoners van onze gemeente.

Maak jij ook gebruik van onze Oost-westweg ?
Veel plezier ermee en geniet ervan !

 

Opgeruimd


Op 2 juli 2017, in Dagelijkse beslommeringen, door Ron

kledinghoopHet is niet direct een walk-in-closet, die kledingkast van mij, maar een omgebouwde bedstee, die plaats biedt aan een berg kleding. Alles tesamen zo’n drie meter aan kledingstukken, waarvan ik vorig weekend dacht dat ik maar eens een grote opruiming moest houden. Niet dat er allemaal versleten spullen hingen, maar vooral zaken die ik niet meer aantrek. Niet vanwege het feit dat ik het niet mooi meer vond, maar eigenlijk vanwege het feit dat ik me er met geen mogelijkheid meer ingewurmd krijg.

Lange tijd had ik gewoon een pefecte maat, ik kon zo alles bestellen op internet of direct naar de juiste kledingstukken pakken in de winkel. Maar met de jaren, denk ik, wordt mijn lijf hier en daar wat forser, vooral daar, en dat zijn geen spieren. In het begin krijg je die broek nog wel aan, maar op den duur gaat het toch vervelend knellen en besluit je toch maar een maatje groter te proberen.
En in gedachten hoop je dat het wel weer ‘bijtrekt’, dus je gaat niets opruimen. De kostuums zijn immers nog netjes en goed.

Vorig weekend heb ik me er dus bij neergelegd. Als ik ooit nog kilo’s verlies, dan koop ik wel iets nieuws of trek de broekriem wat verder aan, maar aan die uitpuilende kledingkast van mij moest iets gebeuren en ruimde ik alle kleding op die ik niet meer paste. Ik paste bij elk kostuum de broek nog voor een laatste keer en besloot aan de hand daarvan of het opgeruimd moest worden of niet. Dan kon ik natuurlijk overal nog wel het colbertje van bewaren, maar dat heb ik niet gedaan.

Ik weet niet wie er straks mijn vuilniszakken opentrekt die ik in de container bij het leger des heils heb gedropt, maar die zal wel eens denken. Een kostuum of vijftien. Mooie combinaties van broeken en colberts, hier en daar een giletje erbij, sommige nog met het labeltje van de stomerij en sommige nog met de labels van de fabrikant. Ergens hoop ik maar dat er iemand nog blij mee gemaakt kan worden, want om die pakken voorgoed bij de afgedankte kleding te sorteren, zou wat zonde zijn.

Ik heb weer een metertje vrij in mijn kast. Er kan dus weer wat bij en aan de andere kant is dat ook wel weer leuk, want ik koop graag kleding en nee, dat hoeft niet altijd duur te zijn. Ik heb wel altijd de eigenaardigheid dat, wanneer ik een mooi pak heb gekocht dat lekker zit, ik er nog eentje koop. Dat heb ik eigenlijk ook bij schoenen (jawel, daarvan heb ik er ook behoorlijk wat). Verder kan ik wel een winkeltje beginnen in stropdassen of overhemden.

Wat dat aangaat lijk ik wel een beetje een vrouw.
Of zouden er meer mannen zijn die last hebben van zo’n kledingtic ?

 

Verrassingsdagje


Op 25 juni 2017, in School, door Ron

keysAfgelopen vrijdag stond er een verrassingsdagje gepland voor de directeuren van onze stichting. In eerste instantie had ik daar niet zoveel zin in. Enerzijds was het verzamelpunt bij de bovenschools directeur thuis en dat vind ik altijd een beetje klef; ik houd werk en privé strak gescheiden en verwacht dat ook een beetje van anderen, anderzijds houd ik niet zo van verrassingsdagjes, want wat staat er op het programma ? Kanovaren ? Lange Jan beklimmen ? of andere zaken waarvoor ik waarschijnlijk zal bedanken.

Het ergste vond ik nog wel dat ik door dit uitstapje het programma op onze school moest missen. Er stonden de hele dag workshops gepland van werkelijk top-of-the-bill muzikanten, die normaal gesproken verbonden zijn aan het Bimhuis in Amsterdam. En geloof me, er stonden geen workshops met woodblocks of bellenraampjes op het menu, maar onder andere het spelen met elektronica en dat is voor een synthesizerliefhebber, zoals ik, erg leuk om mee te maken.
Onze school wordt jaarlijks getrakteerd door de ambachtsvrouwe van Kloetinge (ze woont er in een groot jachthuis) op een stukje cultuur, omdat ze het belangrijk vindt dat onze leerlingen daar kennis van nemen. Het zijn dan ook vaak optredens of workshops van hoog niveau.

Ik toog dus vrijdag naar Middelburg om er te beginnen met een kopje koffie bij iemand thuis. Niet veel later parkeerden we op de Dam en werden we daar opgewacht door een man die ons door Middelburg ging leiden. Niet over de gewone straten, maar door allerlei steegjes. Tijdens de wandeling vertelde hij allerlei wetenswaardigheden die veelal met een stukje geschiedenis van doen hadden. Nu heb ik vrij lang in Middelburg vertoefd in mijn jonge jaren en wist ik best al wat, maar ik kwam nu al wandelend op plekjes waar ook ik nog nooit was geweest.

Tijdens de koffiepauze op een terras sprak ik wat verder met de rondleider. Over cafés die er ooit waren, over de Middelburgse muziek scene uit de zeventiger jaren en we kenden zo dezelfde gelegenheden en muzikanten. Even was ik weer terug in die tijd. Leuk !
De tocht eindigde aan de Loskade bij een restaurantje, waar we een eenvoudige lunch nuttigden. Geen supergezellig tentje, maar als je daar zo met je clubje zit is het al gauw gezellig.

Toen was het tijd voor een escaperoom. Dat had ik nog nooit gedaan, kende het principe wel, maar wist niet goed wat er van te verwachten. Er waren twee rooms, de Las Vegas-room en de Music-room. Je kon kiezen en ik koos voor de muziekkamer. Met kennis van muziek had je er echter weinig voordelen, de opdracht was hetzelfde: zorg ervoor dat je binnen een uur buiten staat.
Ik ga je verder niet zo heel veel van die kamer vertellen, want wellicht beland je er zelf nog eens, maar leuk is het wel, toch zeker als je zelf graag wat puzzelt of crypto’s oplost. Ik was best goed in oplossingen en we hadden iemand in ons gezelschap met engelengeduld. Die ontfermde zich over het openen van de cijfersloten met de verkregen getallen.

We wonnen nipt van het andere team en hebben veel gelachen. We sloten af met een drankje op het terras bij Desafinado onder de Lange Jan en grapten nog wat over en weer. Het was een leuk dagje waarop je elkaar weer eens anders leert kennen. Dat is ook wel eens leuk zo aan het einde van een superdruk schooljaar.