Cloud Computing


Op 23 april 2011, in Internet, door Ron

Gisteren had ik het er met iemand in de ‘wandelgangen’ over: Cloud Computing en dat we daar meer en meer naartoe gaan. Cloud computing is voor mij een begrip, maar bij sommigen verschijnen de vraagtekens direct boven het hoofd. Nee, het is niets nieuws van het KNMI en het heeft niets te maken met buienradar en ja, ik geef toe dat het woord ‘cloud’ wat ongelukkig gekozen is.

De cloud staat voor samenwerkende computers en applicaties op het internet waarvan je als klant, waar je je ook bevindt, altijd gebruik kan maken. Je hoeft niet zonodig alles meer op je eigen computer te hebben. De computer wordt meer een interface waarmee je het internet of ‘je cloud’ kan raadplegen.

Allerhande voorbeeldjes ken je wellicht al. Als je een YouTube account hebt kun je een lijst met favorieten maken. Die favorieten worden door YouTube onthouden en telkens wanneer je inlogt kan je die lijst veranderen of raadplegen. Als je je e-mailberichten met webmail leest en ze niet op je computer downloadt, kun je ze overal ter wereld blijven bekijken. Allemaal kleine voorbeeldjes van eenvoudig cloud-computen.

Scholen, en daar gaan we wellicht naartoe, kunnen rustig hun server de deur uitdoen. Educatieve software kan webbased draaien, dus hoef je de applicaties niet op je computer te hebben. Geen omkijken naar licenties, geen omkijken naar updates. Documenten kunnen online bewaard worden, zodat je ze overal kunt raadplegen. Je huurt een zogenaamde ‘dedicated server’ (een stukje serverruimte speciaal voor jou) en op die server parkeer je alles wat je wilt. Sommige bedrijven bieden dat gratis aan, meestal in ruil voor afgenomen diensten, en andere bedrijven bieden dat weer aan met een zogenaamde SaaS (Software as a Service). In het laatste geval huren bedrijven een groot stuk serverruimte inclusief het programma.

Ons nieuwe administratieprogramma is daar een voorbeeld van. Elke leerkracht kan, waar ter wereld ook, het programma raadplegen en er documenten toevoegen, bewerken of verwijderen. Ouders kunnen middels een inlogcode het ouderportal bekijken waarin gegevens van hun kinderen geraadpleegd kunnen worden, zoals de laatste cito-toetsing, het rapport of de adresgegevens. Wanneer er iets niet klopt kan er online, in hetzelfde programma, een melding gemaakt worden. Het spreekt voor zich dat de inloggegevens alleen toegang geven tot zaken betreffende het eigen kind.
Voor die hele administratie heb je niet meer nodig dan een eenvoudige computer die redelijk snel een internetbrowser kan draaien. Enorme harde schijfcapaciteit gaat dan tot het verleden behoren, je gegevens staan veilig, ergens in de cloud.

Met de huidige bandbreedte en internetsnelheden zijn de mogelijkheden legio. Geen ruimtevretende mp3-tjes meer op je computer of video’s. Nee, die parkeer je gewoon online en je kunt ze overal beluisteren en bekijken. Veilig voor crashen van harde schijven, veilig voor virussen.

Gemak dient de mens en jawel, natuurlijk moet je er voor betalen ..

 

BHV


Op 21 april 2011, in School, door Ron

Gisteren hadden we bij ons op school de eerste BHV-herhalingscursus van dit jaar en wel het brandgedeelte. Bedrijfshulpverlening was altijd de afkorting van BHV, maar daar hebben ze maar Basishulpverlening van gemaakt. Schijnbaar ziet men niet alle organisaties als bedrijven. Ik zie onze school wel als een bedrijf en wat maakt het ook eigenlijk uit. BHV is gewoon een begrip en houdt in dat je getraind wordt om te handelen in geval van calamiteiten, ongeacht wat die afkorting nu precies betekent.

Op verzoek wordt deze cursus nu op de scholen gehouden. Dat is immers de praktijksituatie en dus handig wanneer je daarover kunt beschikken tijdens zo’n cursus. Jammer genoeg deden we daar niet zoveel mee. We hebben hier wat theorie gehad over ontruimingsplannen, maar moesten vervolgens met z’n allen naar een boerderij net even buiten het dorp, waar de BHV-vrachtauto gestald was. Daar kregen we wat ‘stel-dat-opdrachten’ en moesten we vervolgens weer wat brandjes blussen. Hoewel het heerlijk weer was om een eindje te kuieren, was het toch zonde van je tijd. Ook de instructie bij de vrachtauto was tijdrovend. Sommige groepen moesten twintig minuten wachten. Daar hebben we wat van gezegd en toen is de instructie wat aangepast.

Die BHV-instructeurs zijn stuk voor stuk vakmannen. Onze man werkte bij de brandweer in Rotterdam, is daarnaast ook nog eens lid van de vrijwillige brandweer van zijn woonplaats en dus een pyro-killer van formaat. Maar kennis overdragen is andere koek. Dat moet je kunnen. Je moet je cursisten weten te boeien door voor wat afwisseling te zorgen en ze, in dit geval, vooral aan het werk te zetten.

Pas tijdens het laatste kwartier deden we een rondgang door onze school en vertelde ik hoe wij ontruimen in geval van brand. Dat is niet dezelfde manier als de manier die wij van de mannen voorgeschoteld kregen. Zo zouden we bij een brandalarm allemaal moeten gaan ontruimen, niet zo vreemd, en bekijken we op de afgesproken verzamelplaats of we iedereen hebben. Daarvoor hebben we afspraken gemaakt. Volgens de mannen van gisteren moet we dan pas op zoek naar achterblijvers en gaan inschatten wat er nu precies brandende is.

Wij doen dat niet en zijn dat ook niet van plan. Wanneer de klassen ontruimd worden, gaat één van ons (dat ben ik in de meeste gevallen) op hetzelfde moment systematisch door de school om te kijken of er achterblijvers zijn, daarna om te kijken waar de brand is en of die eventueel zelf te blussen is. Dat zou zomaar kunnen.

Je moet er toch niet aan denken dat er een kind op het toilet achterblijft terwijl de school ontruimd wordt en er tien minuten later pas eens gezocht gaat worden. Dat kind staat doodsangsten uit ! Kun je je dat voorstellen ? Daar moet je toch niet aan denken !
Dat heb ik de meneer uitgelegd en hij gaf me gelijk. Ik hoop dat hij die tip meeneemt in zijn volgende schoolcursussen, die, gezien de inhoud, overal gegeven kunnen worden op deze manier.

Dus ja, heb je er wat aan gehad ? Jawel, maar het had ook in een half uur gekund. Verder heeft de BHV-meneer me van één uur tot vier uur aldoor Rob genoemd. Dit tot groot gniffelgenoegen van Michiel en Wim. Vorige keer had ik de meneer steeds verbeterd, dit keer besloot ik het maar zo te laten.

Toen Wim op de fiets stapte richting Goes groette hij me nog even uitbundig.
‘Dag Robbie, tot de volgende keer !’

 

Dyslexie verbroedert


Op 20 april 2011, in School, door Ron

‘Over een kleine mol die wil weten wie er op zijn kop gepoept heeft’, was de titel van het voorleesboek dat de burgemeester vanochtend voorlas aan de kinderen van onze school.
Toen ik hem uitnodigde om bij ons voor te komen lezen, twijfelde hij geen moment. Dat vond hij erg leuk en de titel van het boek wist hij al. ‘Dat vinden alle kinderen leuk’,  had hij mij verzekerd.

Wie onze burgemeester kent weet dat dit boek uitstekend aansluit bij de humor van onze burgervader. Hij had zich goed voorbereid. Of hij zijn ambtsketen om moest, vroeg hij me vanmorgen. ‘Natuurlijk !’ had ik hem gezegd en ondertussen legde hij een rood zakje op de tafel. Zo’n rood zakje dat we allemaal kennen van de afvalbakjes die her en der opgesteld staan in het dorp. Al gniffelend vertelde hij dat er wat in zat en liet het voorzichtig aan me zien. Een nepdrol. En op voorhand had hij al de grootste lol.

Ook de kinderen vonden de voorleesbeurt erg geslaagd. En inderdaad, van jong tot oud werd er aandachtig geluisterd naar de burgemeester die zat voor te lezen en de kinderen trakteerde op allerlei dierengeluidjes die hij voortreffelijk imiteerde. Voordat hij begon voor te lezen, moest hij nog wat kwijt. Hij ‘bekende’ dat hij enigszins dyslectisch was, maar dat hij daar helemaal geen last van had. Hij is zelfs burgemeester geworden. Daarop glunderden enkele kinderen in het publiek van vanochtend.

Na afloop was er nog even wat tijd om vragen te stellen, zodat nieuwsgierige kinderen tevreden aan hun ontbijt konden beginnen. Wij hadden een presentje voor hem laten maken. Geen Noord-Bevelands wijntje, zei ik gekscherend, maar een heuse chocolade nepdrol die wij speciaal hadden laten maken in het chocoladewinkeltje in Kamperland.

En de burgemeester ? Die vond het prachtig !

 

Hun hen


Op 19 april 2011, in Algemeen, door Ron

Hun hen, zo zou je de kip van de buren kunnen noemen, maar vandaag ga ik het niet over hennen hebben. Het begeleidend plaatje vond ik zomaar leuk bij de titel passen. Ik wil het wel graag hebben over hun en hen in de betekenis van wanneer je nu het woordje ‘hun’ gebruikt en wanneer het woordje ‘hen’.

Hoewel het goed spellen van het Nederlands altijd mijn streven is, betrap ik mezelf vaak genoeg op foutjes. Veelal zijn dat typfoutjes, maar soms ook eens een ‘t’ teveel of te weinig. Achteraf vind ik dat jammer, ik weet wel hoe het hoort, maar ik denk dat onze lezers ook wel begrijpen dat er af en toe eens wat tussendoor glipt.

Voor buitenlanders is het Nederlands een moeilijke taal om te leren en als men het dan eenmaal door heeft, veranderen we de spelling ineens, zodat alle pannekoeken pannenkoeken moeten worden. Ook voor Nederlanders is het juist spellen van woorden een hele kunst. Zo zie je bijvoorbeeld vaak genoeg werkwoordsvervoegingen verkeerd gespeld, al dan niet per ongeluk. Maar van een schoolmeester of juf mag je toch op z’n minst wel een goede spelling verwachten, vind je niet ?

En ik dacht dat ik het ook zo goed wist. Totdat ik er gisteren achter kwam dat ik de fout in ga met de woorden ‘hun’ en ‘hen’. Ik heb altijd (vrij zeker)  gedacht dat je het woord ‘hun’ alleen gebruikte in bezittelijke toepassingen en voor de rest het woord ‘hen’ kon gebruiken. Zoals: ‘dat is hun boek’ en  ‘ik zie hen morgen weer’. Dat laatste blijkt echter fout te zijn. Ik doe het dus al jaren fout.

Volgens de Algemene Nederlandse Spraakkunst mag je een hun/hen-fout niet echt fout rekenen, zolang je ‘hun’ maar niet gebruikt als onderwerp in een zin. ‘Hun kunnen er niets aan doen’ is dus echt fout, maar voor de rest is het één groot hellend vlak, dat ‘hun’ en ‘hen’. 

De regel is er niet eenvoudiger om. ‘Hen’ zou je alleen maar mogen gebruiken na een voorzetsel, zoals: ‘ik geef de bal aan hen‘ en daarnaast zou het volgende dus ook goed zijn: ‘ik geef hun de bal’, want het voorzetsel ontbreekt. Zo hoort het dus wel. Ook schrijf je ‘hen’ als het als lijdend voorwerp gebruikt wordt. Dan moet je natuurlijk weten wat een lijdend voorwerp is. Voorbeeld hiervan is: ‘de man geeft hen klappen’.

‘Hun’ gebruik je natuurlijk in bezittelijke zin, maar ook in de andere gevallen waarin bovenstaande gevallen niet voorzien. Het is maar net hoe je de zin schrijft. ‘Ik geef hun een snoepje’ en ‘ik geef aan hen een snoepje’.

Dit voor de taalpuristen onder ons. Voor het gemak kun je het woord ‘hen’ of ‘hun’ ontwijken door het woordje ‘ze’ te gebruiken. Ben je overal vanaf en schrijf je het altijd goed.

Maar de hen van hen is natuurlijk altijd hen.

 

Krimp


Op 18 april 2011, in Politiek, School, door Ron

‘Scholen Noord-Beveland geraken in gevarenzone’, kopte de PZC zaterdag in haar krant. Daarmee deed men in het kort verslag van de presentatie die men had gezien tijdens de raadsvergadering van afgelopen donderdag. Het RPCZ heeft in samenwerking met Scoop een onderzoek ingesteld naar de geboortecijfers voor onze gemeente op langere termijn.

Hoewel het onderzoek hier al geruime tijd op de personeelstafel ligt, zijn er toch teamleden wat onaangenaam verrast op die zaterdagmorgen. Dat we krimpende waren, dat wisten ze wel, maar dat het zo erg zou uitpakken ? Nee, dat hadden ze niet vermoed. Het onderzoek stelt dat wij over tien jaar in leerlingenaantal gehalveerd zullen zijn en dan schommelen we zo rond de vijftig, een grens waarvan de inspectie vindt dat scholen eigenlijk niet kleiner moeten zijn om goed onderwijs te kunnen geven. Dat houdt de gemoederen vandaag toch wel bezig in het team.

‘Wat betekent dat voor ons Ron ?’ wordt er dan gevraagd, maar ik moet het antwoord schuldig blijven. Er zullen op termijn arbeidsplaatsen verdwijnen, meer kan ik daarvan nog niet zeggen. Het is voorlopig de enige logische gevolgtrekking. Of onze school dan nog zal bestaan ? Daarover ga ik niet speculeren, maar het zou heel goed mogelijk zijn dat er in de toekomst gekeken gaat worden of het onderwijs in onze gemeente anders georganiseerd kan worden. 

Het is allemaal wat demotiverend voor de mensen hier. Ten eerste werken ze allemaal keihard om goed en aantrekkelijk onderwijs te verzorgen en ten tweede ‘vangen’ we honderdtwintig procent van de leerlingen af. Dat betekent dat we alle leerlingen van het dorp zo’n beetje op school hebben (negenennegentig procent, want een enkeling gaat naar het speciaal onderwijs) en dat we daarnaast (het resterende percentage) nogal wat kinderen van elders op onze school hebben. ‘Kunnen we nog meer doen?’ Nee, we kunnen niet nog meer doen. We vissen met zes schooltjes uit de leerlingenvijver van Noord-Beveland waarin steeds minder ‘vis’ komt te zitten. Alle scholen vangen daardoor minder en minder leerlingen. Of kleine schooltjes ook kwalitatief minder goed onderwijs verzorgen, dat betwijfel ik ten zeerste. Alles bij elkaar is het geen leuk vooruitzicht, concluderen we zo eens met z’n allen op deze maandagochtend onder de lunchboterhammen.

Gek genoeg heb ik het er met het team nooit zo expliciet over gehad. Wel schreef ik er veel over op internet, deelde ik veel met onze lezers hier, maar onderling hebben we het nooit besproken. Waarom niet ? Wij gaan dat tij niet keren hier. Zoals ik al eerder stelde, meer dan dat we nu doen kunnen we niet. Zonder de leerlingen uit de naburige dorpen waren we nog een kleiner schooltje met in ieder geval een leerkracht minder. Ik heb misschien wel de (slechte)  gewoonte om zaken waaraan weinig te doen is, niet te bespreken met een team dat niets te verwijten valt. Misschien had ik het wel moeten doen.

Eén van de teamleden concludeert dat we er alleen nooit wat aan kunnen gaan doen. Zij werkt met mij samen voor een opdracht in het kader van een cursus. Daarin kijken we naar de rol van de school in maatschappelijke betekenis, dus kijken we in feite buiten de muren van de school zelf. Ze ziet het goed, het is een maatschappelijk vraagstuk dat wellicht om politiek beleid vraagt. Dat gaat alleen maar wanneer de maatschappij ook beseft dat we het samen moeten kunnen doen en het vraagstuk ziet als een uitdaging.

Ik neem je nog een keer mee naar de visvijver. Zie het maar even als metafoor. Als ik jaar in jaar uit in een vijver vis, dan kan de visopbrengst het ene jaar eens licht verschillen van het andere jaar. Dat is normaal. Maar als ik de visopbrengst elk jaar zie dalen, dan ga ik toch eens achter mijn oor krabben. De eerste paar keer check ik mijn visgerei om te weten of daar wellicht iets mee aan de hand is, maar wanneer dat in orde blijkt, ga ik rondkijken. Me niet aldoor fixeren op die rode dobber. Ik ga buiten mijn visstek kijken. En als ik zie dat het riet verdwijnt en het water minder fris is, moet er mij een lichtje gaan branden. Wanneer ik in het ergste geval nog eens een dode vis zie drijven en bemerk dat er andere vissers wegblijven, besef ik dat het hoog tijd wordt dat er wat gaat gebeuren, wil ik niet jaar in jaar uit steeds minder blijven vangen. Toch ? Als de voorwaarden niet goed zijn, de conditie van mijn vijver, dan hoef ik ook niet te rekenen op veel vis.

Ik houd overigens helemaal niet van vissen. Jij ?
Echt vissen dan hè, met een hengel ..

 

Blik op week 16


Op 17 april 2011, in Blik op de week, door Ron

Laten we op deze mooie zonovergoten zondag maar eens een blik werpen in week zestien. Wordt het aanpoten of wordt het een normaal weekje ?
Het wordt in ieder geval geen normaal weekje, want mijn agenda is erg leeg. Zo leeg heb ik mijn agenda zelden gezien en dan heb ik het natuurlijk alleen over de extra activiteiten buiten mijn reguliere werkzaamheden om.

Op maandag zie ik een mogelijk etentje staan met collega Annemarie. Die heeft later op die dag een GMR-vergadering in Kortgene en vroeg me vorige week of het niet eens leuk zou zijn om een hapje te gaan eten hier op het dorp. Dan rijdt ze niet naar huis, maar blijft hier. Vorige week wist ik nog niet wat deze week brengen zou, maar het ziet ernaar uit dat het geen probleem is. Het is wel eens gezellig. Vroeger deden we dat wel vaker, dan praat je eens over andere zaken dan alleen onderwijs.

Woensdagmiddag hebben we een BHV-cursus, De herhalingsbijeenkomst brandbestrijding van dit jaar, je bent verplicht om het elk jaar te herhalen, wordt bij ons op school gehouden. Een ploegje van een man of tien gaat bij ons aan de slag met ontruimen, brandmeldingen en het oefenen van vaardigheden met de brandblusapparatuur. Dat zijn niet allemaal mensen uit ons team, wij zijn maar met z’n drieën, maar ook mensen van elders.

Voor de rest is het een heel rustig weekje dus. Woensdagochtend houden we ons paasontbijt, evenals vorig jaar. Ook dit jaar hebben we weer een ‘prominente’ gast die onze kinderen gaat trakteren op een leuk verhaal. Weliswaar niet zo prominent als de commissaris van de koningin van vorig jaar, maar ook iemand die kinderen een warm hart toedraagt.

Voor de rest hoop ik dan deze week wat meters te kunnen maken in plannenmakerij. Drukke weken zijn ook leuk en vaak afwisselend, maar van flink aanpakken komt het dan vaak niet.

Mijn weekend was rustig. Zaterdagochtend had ik de opening van ‘Het Spuistraatje’ in Kamperland, een nieuw onderdeel van de Uithaven. Eigenlijk had ik daar niet zoveel zin in, maar ik had me opgegeven en omdat ik niet wist hoeveel mensen er zouden komen en dat er wellicht speciaal op mij gerekend was, ging ik toch maar even. Het was druk, ik was zeker niet de enige, en eenmaal daar viel het toch wel mee. Ik heb wat gekletst met deze en genen, het nieuwe projectje bewonderd en daarna ben ik naar huis gegaan en daarmee de lunch gelaten voor wat hij was.
Jawel, het is een leuk straatje geworden. Aan de buitenkant ziet het eruit als een gewone loods, een beetje zoals de rest daar op het haventerrein, maar binnen is er een heel leuk oud straatje nagemaakt. Oude Noord-Bevelandse geveltjes waarachter winkeltjes gevestigd zijn. Zeker een bezoekje waard, ook voor inwoners van onze gemeente.

Voor de rest ben ik met een nieuwe drumcomputer in de weer geweest, dat is op zaterdag wat meer mijn ding dan zo’n opening. Wat ik vandaag ga doen, daarvan heb ik nog geen idee. Het ziet er lekker uit buiten, dus wellicht trek ik er even met de cabrio op uit.

Deze week zal ik eens kijken of ik wat nieuws kan toevoegen aan het downloadmenu, dan haal ik wat oude zaken weg. Als je verzoekjes hebt, dan hoor ik het wel of schrijf het hieronder maar neer. Mijn cd-s vind je onder het tweede tabje bovenaan de pagina.

Week zestien lijkt dus echt een roze cakeje te gaan worden ..

 

Huisvrouwen


Op 16 april 2011, in Muziek, door Ron

Nou, barst maar los …

 

Super II


Op 15 april 2011, in Politiek, door Ron

Gisteren hadden we een raadsvergadering die meer dan normaal bezocht werd door publiek. Veel mensen waren afgekomen op het feit dat de raad het winkelplan Noord-Beveland op de agenda had staan en daarmee ook de plaatsbepaling van een eventuele ALDI-vestiging.
De vergadering was informatief van aard, maar men hoopte toch wat mee te krijgen van de richting waarin de raad zou gaan besluiten over twee weken.
Er waren maar liefst vijf insprekers die allen op hun beurt iets over de zaak vonden. Dat ging van een verzoek om nadere samenwerking tot aan vermoedens van verkeersdrukte en geluidsoverlast. Er was zelfs iemand die iets had gedaan met numerologie, maar daarvan heb ik de clou niet begrepen. Het was een beetje vaag verhaal. Hoewel ik op zijn tijd wel houd van een vaag verhaal, kon ik hieraan geen kop of staart ontdekken.

En waar het allemaal zo leuk begon met applaudiserende mensen vanwege hun sympathie voor de insprekers, werd de sfeer gedurende de vergadering grimmiger en grimmiger. Ik had dat eigenlijk nog niet eerder op deze manier meegemaakt. Natuurlijk houd ik wel van een pittige discussie en het woordelijk ‘aanvallen’ van elkaar. Dat moet kunnen en dat maakt het vaak nog wat aantrekkelijker voor het publiek. Maar ergens begon ik het niet leuk meer te vinden. Gelukkig deed Ellen deze superkwestie en die heeft wat meer geduld met mensen die zich op een populistische manier willen manifesteren. Mensen die graag aardig gevonden willen worden door de toehoorders en erop kicken dat hun naam de volgende dag in de krant staat. Daartoe werd zelfs een poging ondernomen om collega-raadsleden te vloeren en de betreffende wethouder voor paal te laten staan. Zulk soort egotripperij stuit mij tegen de borst, toch zeker wanneer er nog eens een ‘geinig’ grapje in mijn richting werd gemaakt. Tegelijkertijd werd er gesteld dat er niet beslist mocht worden over de hoofden van ondernemers.

Doodziek word ik van zulke lui. Je hoeft er zo maar één tussen te hebben zitten. Er werden allerlei vragen gesteld die al beantwoord waren in een eerder stadium en er werden vragen gesteld die er op dat moment helemaal niet toe deden. Voor elk raadslid was het proces tot op dat moment zo helder als een klontje, maar het werd aldoor troebeler en troebeler. Alleen maar vanwege één persoon die zich zonodig moest bewijzen voor de toehoorders op de tribune. Kijk, van mij mag je helemaal je eigen mening hebben, moet je juist tegen stemmen als je tegen bent, maar doe dat vooral niet ten koste van je collega-raadsleden. Voorlopig moesten we dat collega er maar eens afhalen.

Enfin, het geduld van de burgemeester, nu in de rol van voorzitter dan de vergadering, raakte steeds meer op en werd kriegeliger en kriegeliger. Hij besloot raadsleden te beperken in hun spreekruimte, terecht of onterecht, dat laat ik in het midden, en kon zelfs een spontane reactie uit het publiek niet meer velen. Dat zegt genoeg, denk ik, over dat sfeertje daar in die raadsvergadering. Voor de rest was het voorspelbaar. Het gevlei van de SGP richting de eigen wethouder, het bedanken van de VVD en dan de CDA-fractie, gespleten als was men de tien geboden getroffen door de bliksem bij heldere hemel.

Die Aldi komt er wel, daar ben ik niet bang voor en een beetje ondernemer, dat is overigens niet per definitie iemand met een eigen zaak, had dat inmiddels wel vermoed en is bezig met plannen om zich te kunnen positioneren binnen die nieuwe winkelsetting. Wie slim is ziet zijn voordeel en waakt ervoor zich niet te dompelen in negativiteit. Wat een bedreiging lijkt, kan zomaar een kans zijn.

Neemt niet weg dat sommige raadsleden naar mijn mening een dubieuze rol spelen ..

 

Rookpaal


Op 14 april 2011, in Dagelijkse beslommeringen, door Ron

Ik vind het de meest achterlijke maatregel aller tijden. Gisteren mocht ik er weer naar op zoek: de rookpaal op het station. Een asbak in de vorm van een paal met daarboven de aanduiding ‘rookzone’. Op een buitenperron van het station moet je als roker een paal opzoeken welke meestal ergens staat waar de overkapping ophoudt. Een perron waar nota bene een aantal weerselementen vrij spel hebben zoals de wind. In het begin vond ik het kolder totdat ik op Rotterdam Centraal naar zo’n paal gedirigeerd werd om een boete te vermijden.

Oké, het heeft zo zijn sociale voordelen, je komt er nog eens in gesprek met mensen waarvan je niet gedacht had er ooit eens mee te spreken, maar enig effect heeft het volgens mij niet. Toch zeker wanneer ik aan het begin van het perron sta in de wind, die vervolgens mijn vieze rook onderdoor de overkapping blaast in de richting van al die gezonde mensen. Dan mist het zijn doel compleet.

Maar men is er vanaf. Geen rokers tussen het gepeupel, geen risico’s vanwege meeroken. We parkeren ze bij een paal, daar staan ze goed. Als ze het onzin vinden dan geven we ze een boete. De stinkerds. Ze hebben immers ons café- en restaurantbezoek ook al jaren verziekt met hun akelige verslaving.

Begrijp me goed, ik wil niets recht praten wat in feite krom is. Het is een vervelende gewoonte. Ik ben jammer genoeg opgegroeid in een maatschappij waarin stoere mannen Camel rookten. Een tijd waarin pakjes shag leeuwenafbeeldingen hadden of bizons. Een tijd waarin de tabak werd gehuld in trendy jeans verpakkingen om maar zoveel mogelijk jeugdigen aan het roken te krijgen. Helaas ben ik één van hen, ik ben eraan blijven hangen. Nooit geweten dat ik na jarenlang extra belasting betaald te hebben behandeld zou worden als een paria. Een verschoppeling van de moderne gezonde samenleving, te vinden in de uithoeken daarvan en mezelf bijna schamend voor mijn ongezonde gedrag.

Maar goed, mij is het nut van zo’n rookpaal in het geheel niet duidelijk, omdat de roker in de buitenlucht staat en met de speling van de wind de rook alle kanten opgaat. Het roken midden op het perron heeft een even groot risico lijkt me. Het enige voordeel van een rookpaal moet dan welhaast zijn dat het niet-rokers waarschuwt voor het feit dat daar de rokers staan en dat het daar wellicht wat zou kunnen ruiken naar rook. Als je wat tegen rokers hebt, dan kun je die plek maar beter mijden.

Kan ik op termijn dan misschien ook gewaarschuwd worden ? Dat we dan nog een paal maken voor mensen met klotsoksels en lichaamsgeuren. De slechte-adempaal voor mensen met onwelriekende adem. Een windpaal voor mensen die daar behoefte aan hebben. Een bilspleetpaal voor de mensen met de afzakkende broeken die normaal gesproken gewoon voor je neus komen staan en je hun misselijkmakende achterkant aan je opdringen. Een telefoonpaal voor al die bellers met verhalen waar ik niet op zit te wachten of een flitspaal voor alle adhd-ers met onvoorspelbaar gedrag ?

Natuurlijk wil ik niet doordraven, het zou wel al te gek worden, zo’n perron met al die palen. En een rokende adhd-er met een afzakkende broek en klotsoksels weet al helemaal niet meer waar hij naar toe moet.

Je moet het niet te gek willen maken. Toch ?

 

Bericht van de Host


Op 13 april 2011, in Internet, door Ron

“In de nacht van woensdag op donderdag zal er een update plaatsvinden van een aantal onderdelen op ons netwerk.

Aangezien uw website op een van de servers ligt die beïnvloed wordt door deze upgrade, zult u wat downtijd of instabilteit ondervinden op uw website tussen 03:00 en 05:00 CET op 14 april 2011.
Wij verwachten dat de werkzaamheden om 05:00 zijn afgerond en alles weer normaal zal werken.

Er zal geen data verloren gaan tijdens het onderhoud.

Onze excuses voor het ongemak dat u hierdoor kunt ondervinden.”

Dan weet je het maar vast.
Ik denk dat ik me op dat uur nog een keer omdraai ..