Week 5


Op 27 januari 2013, in Blik op de week, door Ron

En zo schrijf je redelijk wat in een week en zo schrijf je niets in een week. Afgelopen week was daar dus geen tijd voor en gedurende de komende week vermoed ik hetzelfde. Werk gaat voor de hobby.

Buiten stijgt de temperatuur weer naar een normale waarde. Vorige week heb ik voor het eerst op een auto-dashboard een buitentemperatuur van min twaalf gezien. Dat is behoorlijk koud. Op zich vind ik dat niet zo erg, maar de sneeuw was ik toch wel wat beu. Tenminste, wat er nog voor sneeuw doorging. Het was meer ijs en dat gaf weer wat problemen voor de kinderen die fervente sneeuwballengooiers zijn. Wat ze gooiden, kwam hard aan. Kinderen hebben overigens met volle reugen genoten van deze winterse periode. Met de slee naar school, sneeuwballen gooien, sneeuwpopje maken en schaatsen natuurlijk.

Maar goed, we wisselen sneeuw en vorst in voor wind en regen. Daar wordt je ook niet vrolijk van, maar je gaat in ieder geval met een geruster gevoel de weg op en je hoeft je niet af te vragen of je deze keer wel weg kunt rijden.

Komende week wordt, net als voorgaande week, een weekje met de nodige activiteiten en afspraken, maar best afwisselend en leuk.

Maandag heb ik overdag niets, maar aan het einde van de middag zit ik in Wilhelminadorp in het bestuurskantoor. Om vijf uur woon ik een vergadering van het bestuur bij. Die duurt niet lang, want om zes uur komen alle collega-directeuren erbij voor een zogenaamde denkdok-sessie. Samen gaan we, middels een speciale werkwijze, bijna geheel geautomatiseerd, aan de slag met de toekomstvisie van onze stichting. Zowel het bestuur als de collega’s kunnen hun steentje bijdragen. Uiteindelijk moet er een visiedocument uitrollen waarachter we allemaal kunnen staan. Er lag natuurlijk wel een visie, maar die is wat gedateerd en aangezien je visie het fundament legt onder je beleidstukken, is het best belangrijk dat die visie actueel en toekomstbestendig is. Daarnaast zitten we in een interim-situatie en die duurt ook niet eeuwig. Dan is het goed om te weten hoe we daarna verder kunnen gaan.

Op dinsdag staat er een voortgangsvergadering naar aanleiding van de kleuterrapportage. Dan nemen we alle kleuters door vanuit onze persoonlijke expertises en hun vorderingen.
‘s Avonds heb ik een afscheidsdinertje in Kortgene. Eén van onze directeuren neemt afscheid vanwege het feit dat hij per één februari een nieuwe baan, wat dichter bij huis, heeft gevonden. Per saldo is hij niet zo heel erg lang een collega geweest, ik meen een jaartje of zes, maar hij heeft veel betekend voor de organisatie vanwege de kennis en vaardigheden die hij met zich meebracht.

Op woensdag ben ik te gast bij de peuters. Ze blijven op school brunchen en ik ben uitgenodigd om een stukje voor te lezen. Vorige week ben ik al eens even gaan kijken, omdat ik niet zo’n goed beeld had van wat peuters nu eigenlijk kunnen en bezighoudt. Het lijkt erg op het werken in de jongste kleutergroep, dus zal ik me daar een beetje op focussen. Oh ja, of ik naast het voorlezen ook mijn gitaar mee wilde nemen. Dat doen we dan maar, misschien zing ik nog een leuk liedje met ze. Hoe dan ook, dat wordt beslist een leuk momentje zo op die woensdagochtend.

Op donderdag staat er niets. Dan kan ik me wat op de intensievere taken van een schooldirecteur storten. Met andere woorden, donderdag is een dag om meters te maken.

Op vrijdag neem ik de groepen zeven en acht waar. Ik was daar vorige week vrijdagmorgen ook al even en aanstaande vrijdag staat in het teken van de herdenking van de watersnoodramp. Dat is dan zestig jaar geleden. We zullen afreizen naar Kortgene alwaar er in de kerk een herdenkingsbijeenkomst, ik hoop geen dienst, wordt gehouden. Daarna is er een gedenktocht naar de begraafplaats, vermoed ik, voor een bloem- en kranslegging. Geen idee hoe dat allemaal gaat, maar het is wel goed om met de kinderen stil te staan bij periodes waarin het wat minder ging met het eiland. Misschien beseffen leerlingen dan ook dat de bescherming voor het omringende water geen vanzelfsprekend gegeven is. Ik weet dat Michiel daar in de lessen al uitgebreid bij stil heeft gestaan.

Een van-alles-en-nog-wat-weekje dus. Druk, maar niet heftig. Lekker afwisselend en zo zie ik de weken graag.
Ik wens jou ook veel werkplezier de komende week en beterschap, wanneer je ziek bent. Veel mensen zijn in deze dagen geveld door een virus. Geef je er maar aan over, je kunt immers niets anders doen.

 

Week 4


Op 20 januari 2013, in Blik op de week, door Ron

Hè,  het sneeuwt weer zie ik net. En dat lag er nog niet genoeg. Nee, dit is niet mijn type weer en ik kom dan ook alleen buiten wanneer het echt niet anders kan. Ik blijf vandaag dus lekker binnen in de behaaglijke warmte. Slaap jij ook zo lekker met de gedachte dat het buiten zo koud is en in je bedje zo heerlijk warm ?

‘Kinderweer’ noem ik het maar voor het gemak. Ik weet nog wel dat ik als kind amper te houden was wanneer het gesneeuwd had. Ik moest en zou naar buiten. Dat is kinderen eigen, denk ik. Ze vertelden me dat het geen sneeuwpoppensneeuw is, hij plakt niet. Ook de sneeuwballen vallen al uit elkaar voordat het doel bereikt is. Maar ze genieten wel met volle teugen.

Ik geef buiten mijn directietaken om ook Nederlands aan twee Spaanstalige en twee Koerdische kinderen. De Koerdische kinderen hadden wel eerder sneeuw gezien, maar de Spaanstalige kinderen, afkomstig uit het Caribisch gebied, hadden dit nog nooit gezien. Bij de eerste sneeuwval, zo’n maandje geleden wisten die dus niet wat er gebeurde. Ze hadden het wel eens gezien op TV, maar nog nooit zelf meegemaakt. Ik heb toen direct de les gestaakt en heb ze lekker in de sneeuw laten spelen. Maar die gezichtjes bij de eerste vlokken ! Onbeschrijflijk.

Het zal nog wel een weekje blijven vriezen, dus van de sneeuw zijn we voorlopig nog niet af. Maar de tijd wacht niet op het weer, die gaat onverminderd door met week vier in zicht. Tijd dus om daar eens een blik op te werpen.

Op maandag staat er een vergadering van de ouderraad gepland. Ik heb die avond niets en houd me dus aan de afspraak dat ik ga wanneer er niets anders in de agenda staat. Het is bij iemand thuis in verband met oppasperikelen. Vroeger was dat niet anders. Toen ik hier begon met werken was dat heel normaal. Je ging bij toerbeurt bij iemand thuis vergaderen. Op een gegeven moment is dat eraf gegaan en is er gekozen voor vergaderingen op school. Misschien maar beter ook, dan zadel je mensen niet op met de verplichting om alles aan kant te maken, omdat er volk over de vloer komt. Toch ? In mijn geval was dat zo verkeerd nog niet hoor, dan werd er tenminste eens opgeruimd.

Op dinsdagochtend zit ik voor een overleg in Wilhelminadorp. Het is een welles-nietes-vergadering. Dan ging het wel door en toen weer niet en toen weer wel. Nu houden we een kort overleg in plaats van het geplande lange overleg. Een kort overleg is tot twaalf uur. Ik heb een summiere agenda gezien, maar ik vermoed dat er nog een aanvulling op komt.
‘s Avonds hebben we een fractieberaad ter voorbereiding op de raadsvergadering van donderdag. Er staan al een aantal hamerstukken op de agenda, dus er blijft niet zoveel over. Wat onderwijszaken (daar bemoei ik me ambsthalve niet mee) en wat kleine puntjes. Geen idee of daar wat over te overleggen valt. Misschien is het goed ons nu alvast eens te beraden over het mega hotelplan dat afgelopen donderdag is gepresenteerd. Ik heb er al veel mensen over gesproken.

Woensdagmiddag zit ik in de Hogeschool Zeeland. Daar wordt een presentatie gehouden door een aantal studenten dat op onze school een onderzoek heeft gedaan in het kader van hoogbegaafdheid. Samen met andere studenten, die ook aan het onderzoeken zijn geweest, wordt er een groot deel van de middag, in drie rondes, gepresenteerd. Het is een nieuwe werkwijze waarvoor nogal wat subsidie beschikbaar was. Ik ben benieuwd of die subsidie het gewenste effect oplevert en ik ben benieuwd naar het niveau van de studenten. Zelf vind ik dat HZ-studenten erg makkelijke opdrachten krijgen.
Woensdagavond hebben we een vergadering met het oranjecomité. In februari staat de traditionele lampionnenoptocht gepland, waarvan we gemeend hebben die in ere te moeten herstellen. Dat vraagt enige voorbereiding. Vandaar.

Op donderdagmiddag zit ik weer in het bestuurskantoor voor een overleg met directeuren die hoogbegaafdheid als speerpunt hebben. Even bijkletsen. Ik zal de stand van zaken op onze school kort samenvatten en de nieuwe plannen toelichten, want één ding is zeker, de leerkrachten die dat bij ons op school coördineren zitten bepaald niet stil.
‘s Avonds dus een korte raadsvergadering. Er zit een kleine presentatie in, maar verder zou alles in een half uurtje kunnen passeren. Ik neem de gelegenheid maar eens waar om andere fracties te peilen waar het gaat om dat hotelplan. Ik ben met name benieuwd hoe de CDA-fractie hier in staat.

Jawel, dat plan houdt me bezig. Niet alleen omdat het blaakt van moed en innovativiteit, maar ook omdat het gunstige financiële effect op onze begroting zeer welkom zou zijn. Door het peilen van de andere fracties, kan ik een beetje beeld krijgen van de slagingskansen van het plan. Van de dertien stemmen weten we er vijf nog niet. Wat we wel weten is dat SGP tegen is (min twee), de VVD verdeeld is (min één, plus twee) en het NBB voor is (plus drie). Ik weet niet hoe mijn fractiegenoot hierover denkt, dat moet ze namelijk helemaal zelf weten. Ik zeg als fractievoorzitter nooit wat iemand moet stemmen. Zij zal waarschijnlijk ook met veel mensen in gesprek gaan, dat is zo’n beetje onze manier van werken.
Wat dat uiteindelijk gaat betekenen voor het eindoordeel, daarvan heb ik geen idee. Wie mij goed kent, zal vermoedelijk weten hoe ik ga stemmen.

Dat zijn de leuke kanten aan de politiek. Wikken, wegen, overleggen en uiteindelijk bepalen wat goed is voor onze gemeente.

Fijne werkweek en trek vooral schoenen aan met een beetje profiel eronder.
Die raad geef ik je uit ervaring.

 

Hoteltoren I


Op 18 januari 2013, in Politiek, door Ron

Je kan zeggen van onze gemeenteraad wat je wilt, maar één ding is zeker, er passeren bij tijd en wijle spraakmakende plannen. Ik had jullie er al over verteld. Gisteren hadden we een presentatie van een nieuw hotelplan, nabij de Veersegatdam en in het Veerse Meer. Dat is niet de eerste keer, maar de derde keer dat deze ontwikkelaar met een plan komt. Al zijn eerdere plannen zijn afgeketst om diverse redenen, want op die plaats iets ontwikkelen is best een opgave. Men zit niet alleen vast aan allerlei regelgeving, maar ook nog eens aan de eisen van de gemeente Veere. Die gemeente eist dat het zicht op Veere vanaf de Veersegatdam niet verstoord mag worden, dus ga vooral niet met je project op één van die zichtlijnen zitten. Dus dan blijft er maar een klein hoekje over, wanneer je situatie een beetje kent.

De initiatiefnemer van de plannen is de eigenaar van een gerenommeerd restaurant aan de Veersegatdam. Samen met zijn buurman, de eigenaar van een grote snackbar, moeten ze plaats maken vanwege het feit dat men op de plek waar ze nu zitten of zaten de natuur haar eigen gang moest kunnen gaan. Beide bedrijven werden opnieuw gesitueerd aan de Veerse Meerzijde van de Veersegatdam. Eén binnen de gemeente Veere en één binnen de gemeente Noord-Beveland. Een beetje tegen het zere been van de gemeente Veere, koos de eigenaar van het restaurant voor een stek binnen de gemeente Noord-Beveland. Ik vertel je het maar, dan begrijp je de wellicht beter waarom die gemeente Veere zo lekker dwars ligt.

In tegenstelling tot de eerdere plannen van de ontwikkelaar, was zijn derde plan al spraakmakend voordat het geperesenteerd werd. Ergens in een onbetrouwbare hoek is er een tipje van een sluier opgelicht, et voilà, het gonsde van de geruchten. Hoewel niemand zich er een voorstelling van kon maken, was het merendeel van de afzenders van de mails in mijn mailbox faliekant tegen. En in die geruchten werd die toren maar hoger en hoger en werd die op een gegeven moment gesitueerd aan de Zandkreekdam. Ik heb steevast de mails beantwoord met het feit dat ik eerst de presentatie af wilde wachten alvorens ik me uit kon laten over een eventueel voor of tegen. Dat is wel zo fair naar de plannenmakers, die in mijn ogen de boel niet slim hebben aangepakt door ergens een half plan te laten zien. Voor een plan van dit kaliber zal je toch maatschappelijk draagvlak moeten hebben en dat draagvlak bevorder je niet door mensen zelf hun verhaal in te kunnen laten vullen.

De raadszaal was gisteren goed gevuld. Er was veel belangstelling voor deze presentatie. Het van oorsprong Belgische bouwbedrijf verzorgde dit grotendeels en ik moet zeggen, in het totaalplan zitten goede deelplannen, zoals een wandelpromenade langs het Veerse Meer tot in het natuurgebied de Schotsman. Aan het eind van de presentatie was het tijd voor de hoteltoren. Daarvoor was iedereen, denk ik, gekomen, dus de spanning werd goed opgebouwd. Op het plaatje in de inzet van dit stukje kun je hem zien. Ik zal hem hieronder nogmaals plaatsen, maar dan wat groter.

Dat is ‘m dus, de hoteltoren. In de onderste lagen worden hotelkamers gerealiseerd, daarboven lagen met appartementen, daarboven een conferentieruimte, daarboven een restaurant en op het platform onder de spits komt een publiek toegankelijk uitkijkpunt, waarvandaan je een machtig zicht op dit stukje Zeeland zou kunnen hebben.

Jawel, zoals de krant vandaag kopte: ‘Opzienbarend’. De PZC en Omroep Zeeland publiceerden er al meer stukken over en alle artikelen waren stuk voor stuk reactieknallers. Heel veel reacties van lezers. Het merendeel fiks tegen, een enkeling voor. Ook de gemeenteraad bleek verdeeld. Een tweetal fracties waren voor en één fractie was tegen. Die waren twee weken geleden al tegen, dus ik had niets anders verwacht. Onze fractie en de fractie van het CDA wacht de vergadering in februari af waarin onze mening wordt gevraagd met betrekking tot het feit of we willen dat het college dit plan verder laat onderzoeken. Wij willen het plan nog graag nader bespreken met anderen, want we vinden niet dat we in de raad, op dat moment, onze persoonlijke mening moeten delen. Deel van de meningsvorming is ook de mening van onze inwoners, los van het feit of het mooi of lelijk is. Dat is zo subjectief. Zelf denk ik dat het niet veel lelijker kan dan die windmolens die nu het landschap ontsieren.

Ik ga dus niet af op al die galspuwerij die ik op internet lees, maar ook niet op hetgeen mij in eerste instantie ingegeven wordt. Ellen en ik zijn altijd op zoek naar de juiste balans en nu is de vraag of deze toren de balans wel of niet teveel laat uitslaan.

Ik spreek veel mensen die dwepen met ‘de kip met de gouden eieren’. Daarmee wordt gedoeld op de rust en de ruimte die ons eiland te bieden heeft aan toeristen. Helaas brengt dat onze leefbaarheid geen gouden eieren. De voorstanders van rust en ruimte staan de volgende dag ook net zo makkelijk weer op de barricaden vanwege het verdwijnen van de voorziening in hun dorp. Ik zenk dat zij het verband nog niet zo goed kunnen leggen. Ik had het al in onze algemene beschouwingen geschreven: op de keerzijde van de medaille ‘Rust en Ruimte’ staat het woord ‘Krimp’. Dat laatste heeft onze aandacht, want dat heeft direct invloed op onze leefbaarheid, ons werk, onze scholen, ons verenigingsleven en, misschien niet onbelangrijk, onze financiën. Dat is het gegeven dat wij ons in het achterhoofd houden wanneer wij kijken naar plannen die in onze raad gepresenteerd worden.

Voor Zeeland zou een iconisch bouwwerk geen kwaad kunnen. Dan komen we wellicht van ons stoffige en museale imago af. Als attractie zou die toren het ook goed kunnen doen, want inmiddels is menig toerist al uitgekeken op Minimundi. Wanneer we bedenken dat een deel van onze toeristen aldoor ouder en rijker worden, zou zo’n hotel best een schot in de roos kunnen zijn. Niet voor mij, ik heb hoogtevrees.

Tja, wat is wijsheid …

 

Tablets & tablets


Op 17 januari 2013, in Internet, door Ron

Op school zien we ze nog weinig: Tablet computers. Ik bedien me al ruim twee jaar van een tablet en een tweetal collega’s gebruiken af en toe een I-Pad. Onder de leerlingen zien we het fenomeen nog weinig, wellicht hebben ze thuis een tablet, maar mee naar school gaat die dan in ieder geval niet.

Smartphones zijn daarentegen wel talrijk vertegenwoordigd. Nagenoeg alle collega’s zijn ervan voorzien en onder de leerlingen zien we ze steeds meer. In feite kun je met een goede smartphone ook al een heel eind komen, tenminste, als je goede ogen hebt.

Mijn ogen zijn zo goed niet meer. Dat zal de leeftijd zijn, denk ik. Ik moet steeds meer de bril erbij pakken wil ik iets kunnen lezen of bekijken. Een maand geleden heb ik mijn oude telefoon vervangen door een andere  mede vanwege het feit dat ik een wat groter scherm wilde. Ik ben niet zo goed meer in priegelen en ik wil zonder bril ook nog enigszins de belangrijkste zaken kunnen bekijken.

In de gemeenteraad zien we de tablet steeds meer. Ik tel er uit mijn hoofd zeven, wanneer ik mezelf meereken. Zes I-Pads en één Galaxy. Jawel, die laatste is van mij. Ik heb er al eens eerder over geschreven dat ik, na een korte testperiode, niet zo gecharmeerd was van de I-Pad. Leidend daarvoor was voornamelijk het feit dat ik feilloos weet hoe Android (het besturingssysteem van mijn tablet) werkt en dat daarbij vergeleken het besturingssysteem van de I-Pad wat omslachtig was. Ik kan het voor het gemak eenvoudig stellen: het is maar net wat je gewend bent. De apparaten doen onderling niet zoveel voor elkaar onder. Ze zien er ook nog eens bijna hetzelfde uit.

Ik vind de tablet een uitkomst. Eigenlijk al vanaf het begin toen ik mijn eerste (Archos) tablet kocht. En hoe langer je ermee werkt, hoe handiger je ermee wordt en hoe meer je ermee kunt. En dat is heel persoonlijk. Ik gebruik het apparaat dus niet om muziek te luisteren of om films te zien. Ik zak dus niet lekker onderuit bij mijn tablet voor dat soort van entertainment. Dan hanteer ik toch andere eisen.
Wel gebruik ik hem als afstandsbediening voor de apparaten die ik thuis heb. Ik gebruik hem voor e-mailberichten onderweg en voor internet, voornamelijk nieuwssites. Af en toe speel ik eens een spelletje, Angry Birds vind ik nog steeds geweldig. Maar het meest gebruik ik mijn tablet als agenda en papiervervanger. Ik heb al een tijd geen papieren agenda meer en op weg naar vergaderingen sjouw ik steeds minder papier mee. Hooguit een krabbelboekje om een terloopse notitie te maken. Ik weet het, dat kan ook op de tablet, maar een notitie is in mijn geval vaak sneller met pen gemaakt.

Waar ik me eigenlijk wel steeds meer aan ging storen, was het weinig onderscheidende voorkomen van mijn tablet. Iedereen loopt tegenwoordig met zo’n ‘plankje’ al dan niet voorzien van een handig hoesje om het daarmee licht hellend op het bureau te kunnen parkeren. Voor het gemak noemen mensen de verzameling tablets van dat formaat allemaal ‘I-Pad’. Kinderen ook. Iemand vroeg mij ooit eens: ‘Hé, wat voor een merk I-Pad heb jij daar ?’
Niets voor mij, ik onderscheid me graag, dus ben ik eens op zoek gegaan naar wat anders. Wel iets met dezelfde mogelijkheden, maar met een onderscheidend design.

En die is niet makkelijk te vinden. Toch ben ik er, in het woud van allerlei tablets en soortgelijke apparaten die daarvoor doorgaan, redelijk in geslaagd. Sony heeft een zeer afwijkend model, een tablet in shell-formaat, die je dicht kunt klappen wanneer je klaar bent. Dan ziet het apparaat eruit als een flinke platte brillenkoker. Geheel opengeklapt is het een tablet van acceptabel formaat. Twee touchscreentjes boven elkaar, die met elkaar corresponderen (wanneer je dat wilt tenminste), zodat het lijkt dat het één scherm is.

Ik heb het apparaat nu al een tijdje in gebruik en ben nog steeds aan het configureren. Welke apps wil je waar en welke widgets zijn de moeite waard en komen het best tot zijn recht.
Want feit is, wie mooi wil zijn moet concessies doen, zo ook met deze Xperia P Tablet. Op de afbeelding kun je het al redelijk zien. Doordat het scharniert, zit je altijd met een balk door het midden. Oké de pagina’s lopen door, maar af en toe leest het ongemakkelijk en zitten er woorden net iets boven of onder het balkje. Ook het totale scherm is kleiner dan de tien-punt-één inch van mijn Samsung, maar verder goed leesbaar.

Het ding is voorzien van een uitbreidbaar geheugen, WIFI, bluetooth, twee cameraatjes (waarvan één van matige kwaliteit), één luidsprekertje (ook geen hoogvlieger), een drie-G-mogelijkheid (internet met een simkaart) en een batterij die opgeladen vier tot vijf uur op volle kracht kan en een paar dagen op stand-by.
Het scherm zelf geeft een auto-roterend en haarscherp beeld met verbluffend diep zwart en sprekende kleuren. Het geheel draait op Android Ice Cream Sandwich. Daarnaast is het apparaat PlayStation-certified, dus je kunt er ook dat soort spelletjes op spelen, wanneer je dat zou willen, maar dat is voor mij echter minder belangrijk. Het is vooral een mooi ding om te zien.

Wat ik belangrijk vind ? Dat laatste natuurlijk en het feit dat het bij wijze van spreken in mijn binnenzak kan. Ik kan er alles mee waarvoor ik mijn andere tablet ook gebruik en dat telt. Alles zit dan in een tablet die ingeklapt zo’n achttien centimeter breed is, acht centimeter diep en tweeënhalve centimeter hoog. Jawel, ik ben er blij mee, hoewel ik de Samsung nog wel even als back-up bij me blijf dragen.

 

Democratie


Op 14 januari 2013, in Politiek, door Ron

We leven in een democratische rechtsstaat. De Nederlandse politiek is gebaseerd op democratische fundamenten. We zijn een rechtsstaat, omdat we wetgeving hebben om de belangen van het volk veilig te stellen, zodat men niet is overgeleverd aan de grillen en kuren van de macht van de staat.
Daarnaast kennen we een democratische bestuursvorm die gebaseerd is op de instemming van de burger, het volk.
Dat is natuurlijk even kort door de bocht, maar als ik het uitgebreid moet beschrijven, dan ben ik nog even bezig.

Niet iedereen is voor een democratische vorm van politiek. De tegenhanger van de democratie is de dictatuur, waarin een kleine groep het voor het zeggen heeft. Ongeacht wat het volk ervan vindt. Uit het verleden zijn daar tal van voorbeelden van te geven en op dit ogenblik kennen we nog een aantal dictaturen. Het spreekt voor zich dat de voorstanders van de dictatuur vaak ook voorstanders zijn van de dictator en zijn of haar ideeën aanhangen.
Dat dit niet altijd goed gaat of geaccepteerd wordt, daarvan hebben we voorbeelden uit een recent verleden, in het licht van de Arabische Lente, waar het gaat over het gebrek aan politieke vrijheid. Dat hoeft niet altijd op een dictatuur te wijzen, maar kan ook te maken hebben met het uitbuiten van het feit van de democratische meerderheid.

Zelf ben ik een aanhanger van de democratie. In mijn functie als raadslid geef ik invulling aan de zogenaamde representatieve democratie, omdat bij stemming is gebleken dat ik een deel van het volk mag vertegenwoordigen, omdat men heeft laten blijken daar vertrouwen in te hebben. Hetzelfde geldt voor mijn collega-raadsleden. Met het verschil dat we bij voorbaat verschillend kunnen denken van elkaar. Zo is voor ons mede de socialistische gedachte leidend, voor anderen wellicht een religieuze gedachte.
Die gedachte is de leiddraad om je sterk te maken voor bepaalde zaken of om je juist tegen bepaalde zaken te verzetten. Uiteindelijk wordt er democratisch besloten, hetgeen heel eenvoudig betekent: de meerderheid beslist. Concreet betekent dit dat niet alles wat je voorstaat ook daadwerkelijk gebeurt. Daarvoor moet je kunnen incasseren en dat is waarschijnlijk de belangrijkste vaardigheid in de politiek. Ook de wetenschap dat je zou moeten incasseren mag niet leidend zijn.

Waarom schrijf ik dit eigenlijk ? Enerzijds omdat ik dit wel eens wil delen met jullie, hoe summier ook, en anderzijds omdat ik onlangs wat Facebook-berichten kreeg doorgespeeld van een collega-raadslid. Daaruit blijkt dat sommige raadsleden toch wat moeite hebben met dat woord ‘incasseren’ en het sociale medium gebruiken om daar blijk van te geven. Ik vind dat niet erg, want ik ken mijn collegaraadsleden, een enkeling wil toch nog dat gram halen dat in de raad mislukt is en wat is er nu mooier om alsnog de steun te mogen krijgen van je ‘vrienden’. Dat maakt het verlies waarschijnlijk draaglijker. Ik doe daar niet aan mee, omdat ik daar de zin niet van inzie. Natuurlijk is het onwaarschijnlijker om bakzeil te halen bij je virtuele kameraden, maar als je je computer uitzet, blijft het gegeven hetzelfde: jouw idee haalde het niet en dat is jammer.

Kwalijker vind ik het om berichten te moeten lezen van mensen die dezelfde politieke partij aanhangen dan ik of mijn fractiegenoot. Ondanks het feit dat men de sociaal-democratische gedachte deelt, wordt er eens flink uitgevaren tegen de partijgenoten die in de gemeenteraad zitten vanwege het feit dat men niet doet wat dat ene partijlid in gedachten had.
Iedereen weet dat wij zeer voorzichtig met beslissingen omspringen, toch zeker beslissingen die gevolgen kunnen hebben voor een bepaalde leefomgeving. Daarbij is beslist niet over één nacht ijs gegaan. Juist daarbij zijn wij zeer democratisch te werk gegaan en hebben we met vele belanghebbenden van gedachten gewisseld. Ons standpunt is dan ook weloverwogen geweest, hoewel wij het liever anders hadden gezien.

Ik hoop niet dat het een trend wordt in onze politieke partij. Democratie verkondigen en vervolgens mensen afbranden omdat je idee het niet gehaald heeft. Dat zou een vrijbrief geven aan partijgenoten die bijvoorbeeld iets te kapitalistisch of te dictatoriaal zijn en graag in dat kielzog een sluier van democratie gebruiken.

Als het die kant opgaat dan mag Fikkie alvast klaar gaan zitten voor mijn portie.

 

Week 3


Op 13 januari 2013, in Blik op de week, door Ron

Met Florence & The Machine op de achtergrond (‘What the water gave me’) en een bakkie leut langszij zit ik weer klaar voor een nieuwe blik op de week. De kachel ronkt en de gordijnen zijn nog voorzichtig gesloten. Ik heb wel al mijn ‘goeie goed’ aan, mijn straatkleren zeg maar, maar ik heb geen idee of ik vandaag naar buiten ga. Het ziet er wel mooi uit zo van binnen naar buiten.

Aan mijn voeten heb ik een paar nieuwe ongestrikte schoenen, dat is mijn manier van inlopen. Ik kocht in de afgelopen vakantie drie paar nieuwe schoenen en dit is eigenlijk het laatste paar dat aan mijn voeten wennen moet. Die andere schoenen heb ik al gedragen, maar niemand valt het op dat ik nieuwe schoenen heb. Ze lijken ook allemaal zo op elkaar, netjes en zwart. Ook nieuwe kostuums krijgen geen aandacht, voor menigeen allemaal meer van hetzelfde. Behalve deze week dan, toen ik een kostuum aan had dat meer grijs dan zwart was. Of ik een nieuw pak had. Maar nee, ik heb twee van deze kostuums, maar kon ze niet meer aan. Aangezien in mijn geval ijdelheid wetten en gewoontes breekt, kan ik ze nu weer aan.

Ik heb ook nog een nieuwe winterjas liggen, maar die heb ik nog niet aangetrokken. Die is ook niet zwart. Die trek ik volgende week maar eens aan. Maar de schoenen die ik nu aan mijn voeten heb, daarvan weet ik nog niet of ik ze zo snel naar het werk ga dragen. Wellicht over een poosje. Jawel, ze zijn overwegend zwart, stukken mat zwart en stukken glimmend zwart, beetje patch-work achtig, maar ook met een kleinigheid wit. Dat doet een beetje jaren vijftig, zestig aan, maar ik vind ze wel leuk.
Tja mannen en ijdelheid, dat is soms een moeilijk gegeven. Wat ik bijvoorbeeld allemaal niet doe om mijn haar er een beetje verzorgd uit te laten zien …  Dat ga ik je besparen, maar bij mij is het niet snel goed. Dat kan ik je verzekeren.

Beter kijken we even vooruit, naar week drie. Toevallig keek ik er gisteren al even naar, want ik twijfelde aan een afspraak. Erg druk wordt die week niet.

Maandagochtend verleen ik wat hand- en spandiensten in de vijf-zes-combi, maar daar moet ik om tien uur mee klaar zijn, want dan komt er een account manager van het netwerkbeheer. Wat die eigenlijk komt doen weet ik ook niet precies. Ik heb geen bestellingen geplaatst en we hebben niet overdreven veel problemen (KOW). Ik zal maar beginnen met mijn excuses aan te bieden vanwege het feit dat ik voor de Kerstvakantie geen tijd had voor deze meneer. Die kwam binnenvallen terwijl ik druk met onze anderstaligen bezig was. Hij had een flesje meegnomen en een boek, als nieuwjaarspresentje. Dat is best aardig, maar ik had geen tijd voor hem. En ik weet dat Wissenkerke best een eind uit allerlei routes ligt, maar ik kan toch maar moeilijk kinderen terug naar hun klas sturen. Jawel, dat kan ik wel, maar dat doe ik niet. We zijn een school, remember ? Eigenlijk vind ik dat excuses ook niet hoeven, maar ik doe het toch maar.
Voor de rest is de maandag onbeschreven.

Dinsdagmorgen geef ik weer een uurtje les in de vijf-zes-combi en ‘s middags moet ik al vroeg nokken. Dan staat er een bijeenkomst gepland op een nabij gelegen recreatiepark. Een kennis wordt vijfenzestig en die viert dat daar, tegelijk met de opening van een expositie van eigen werk. Nou ja, het is eigenlijk geen feestje. Er zijn diverse sprekers en tegen zessen is het al afgelopen. Op zich wel interessant. Er zullen vast wel wat oude bekenden rondlopen en dat maakt het weer extra leuk.
‘s Avonds zit ik in het gemeentehuis voor een bijeenkomst met RWS. De regionale woningbouwstichting. Er staan zogenaamde prestatie-afspraken centraal. Ik ben benieuwd hoe hun programma eruit ziet, want je leest toch dat in den lande veel stichtingen dure renovaties niet meer zullen uitvoeren. Voor ons is het belangrijk dat ze hun plannen om sociale woningbouw te realiseren doorzetten. Huurhuizen in drie kernen is een welkome aanvulling in deze tijd van crisis en krimp.

De woensdag is leeg. Niet te geloven. Op donderdagavond staat er in het gemeentehuis een presentatie gepland waarover al veel gesproken is schijnbaar. Een geruchtmakend plan kun je wel zeggen. Er zijn nu al mensen tegen, maar niemand heeft nog iets gezien of werkelijk gehoord. Ik weet er wel iets van, maar zal de presentatie afwachten voordat ik daar iets van ga vinden. Dat lijkt me een logische volgorde. Dat het spraakmakend gaat worden, dat staat vast. De presentatie is openbaar, dus iedereen mag komen luisteren en wanneer jou dit interesseert, moet je zeker even komen kijken en luisteren.
Als ik beeldmateriaal heb, dan zal ik dat hier met jullie delen, dan kun je eens meemenen.

Vrijdag heb ik een ADV en die ga ik nemen, want ik heb een afspraak bij de kapper. Nu al ? Jawel, dat is vrij snel na de vorige keer, meestal wacht ik een half jaar. Volgens de kapper moet het om de zes weken, maar ik denk dat ik dat zelf moet weten. De vorige keer hadden ze het netjes geknipt hoor, maar ik vond dat ze het aan de achterkant wat te lang hadden gelaten. Het laatste dat ik wil is een ‘matje’ achter in de nek, dus daar moet maar rap eens in geknipt worden.

Fijne werkweek !

 

Drôahe Woste


Op 8 januari 2013, in School, door Ron

Vanmorgen hadden we een directie-overleg. Eens in de twee weken vergaderen we over vanalles en nog wat. Het merendeel is niet zo heel interessant om hier te vermelden, maar deze ochtend stond er toch wel een ongewoon item op de vergaderagenda, namelijk het Kerstpakket.

Onze stichting trakteerde haar werknemers aan het einde van het vorig jaar op een leuk Kerstpakket. Een lokale slager had het verzorgd en het bestond uit een klein mandje met daarin allerlei streek- en vleesprodukten. Ambachtelijk natuurlijk en biologisch helemaal in orde.
Ik heb er weinig of niets van gegeten, want ik had het aan mijn vader gegeven. Ik had dit jaar namelijk nogal veel van dat soort etenswaren.

De interim algemeen directeur had het punt op de agenda gezet om zich te verontschuldigen voor het feit dat er één droge worst in het mandje te vinden was, die mogelijk niet meer goed zou zijn. Daar zou namelijk een kleinigheid schimmelaanslag op kunnen zitten. Hij adviseerde voorzichtigheid in acht te nemen waar het ging om het consumeren van de worst.
Die worst was ook niet vacuum verpakt, maar zat in een cellofaan papieren zakje.

‘Oh’, merkten mijn Noord-Bevelandse collega en ik op, ‘maar dat is heel normaal hoor. Die worsten horen er een beetje uitgeslagen uit te zien. Dat geeft namelijk niks, ‘t is ‘drôahe woste’, die kun je gewoon aan je keukenplafond hangen als je dat leuk zou vinden. Die hoeft ook niet vacuum verpakt te worden, die blijft gewoon zo goed.

En wij hadden de grootste lol om die stadse collega’s die zich druk maakten om een beetje witte uitslag op een ‘drôahe woste’. En wij grapten verder: ‘Jullie gaan zeker ook terug naar de winkel met de Camembert, omdat die geschimmeld is’.
En zo ontkrachtten wij de ongerustheid over de staat waarin die worst zich zou bevinden.

Tussen de middag zit ik op school met de collega’s te eten en ik vertelde ze over het voorval tijdens het directie-overleg. Van die stadse mensen en de droge worst en dat ze dat ‘schimmel’ maar niets vonden.
Michiel vertelde daarop dat ook zijn worst niet jofel was. Als er iemand hier alles eet, dan is het Michiel wel. Maar zijn worst rook raar, een beetje zurig, waarop ze hem thuis onlangs weggemikt hadden. De worst bleek ook niet droog vanbinnen, vertelde een andere collega.
Toevallig hadden we nog zo’n Kerstpakketje hier op school staan. Hilde is nog niet op school geweest, het is haar pakketje. ‘Ach, jullie klesten maar wat en zijn ook niets gewend’, zei ik terwijl ik het pakketje erbij haalde. ‘Kijk zelf dan’.

Nu ben ik wel wat gewend hoor, maar in dat pakketje zat een worst die heel vreemd van kleur was. Groen met grijs. Een worst waar een hongerige hond nog niet mee verleid kan worden. We hebben hem niet geroken, want we hebben hem in het pakket laten zitten. We zullen Hilde waarschuwen om toch vooral die worst die daar inzit niet op te eten. Dat gaat niet goedkomen.

Natuurlijk heb ik de collega-directeuren gemaild en eerlijk toegegeven dat ik nogal luchtig met de materie was omgesprongen en hen had uitgemaakt voor stadse mensen die geen verstand van ‘drôahe woste’ hebben.
De waarschuwing van de interim was dus geheel terecht en ik heb middels die mail de collega’s alsnog serieus gewaarschuwd voor die ene worst.

 

Copyright


Op 7 januari 2013, in Internet, door Ron

Gisteren kon ik de slaap maar matig vatten. Geen idee waar dat aan lag, misschien wel omdat ik gistermorgen zo ontzettend uitgeslapen had of misschien wel aan allerlei zaken die in mijn koppie malende waren.
Dus ja, ik eruit, nog eens wat drinken, een peukje en even e-mail checken. Wie weet wie er in die nachtelijke uurtjes n0g wat te melden heeft. In mijn mailbox zat een berichtje van deze site dat er iemand gereageerd had op een anderhalf jaar oud artikeltje. De man claimde dat de foto, met het nummer zesendertig, van hem was en dat ik hem wel kon gebruiken, maar dat ik dan ook moest vermelden dat de foto van hem was. Ik had werkelijk geen idee wie de maker van die foto was, want zover kom je niet als je op afbeeldingen googlet. Dat is ook niet nodig om de foto te ‘lenen’.

Omdat ik nogal fel ben op rechten van mensen en daarmee ook onder andere tegen het oeverloos kopiëren en verspreiden van muziek en films ben, kon ik de man begrijpen en heb ik de foto vervangen door een andere zesendertig, want daarvan staan er legio op het internet. En met deze actie begon ik me tegelijk ook af te vragen hoe het nu precies zit met die rechten en wat er wel en niet te claimen valt. Hoe zit het met het fotograferen van onveranderlijke zaken, zoals bijvoorbeeld een standbeeld in een stad, want dat was die bewuste nummer zesendertig min of meer. Kan je dat claimen ? Dat dat shot vanaf die afstand, vanuit die hoek jouw idee was en dat een ander dat niet meer mag doen. Of gaat het om een combinatie ? Bij deze bewuste zesendertig stond toevallig een bestelautootje van TNT en dat was best grappig. Dat maakt het, denk ik, net iets anders.

Als ik op vakantie naar Pisa ben geweest en ik ben vergeten de scheve toren te fotograferen, kan bijna niet, maar stel je voor, dan zou ik in een reisverslag op internet geen foto kunnen ‘lenen’ van iemand anders, die toevallig wel die toren heeft gefotografeerd. Dat zijn er heel wat. Hoe groot is de kans dan dat er iemand zegt: ‘Ho us, dat is mijn toren en daar blijf jij met je jatgrage tengels vanaf’. Er zijn van dat object zoveel foto’s geschoten dat er haast wel identieke exemplaren moeten zijn, ook al is het niet van dezelfde fotograaf.

Ik vind dat een moeilijke kwestie. Een realistische schilder die de molen van Colijnsplaat zou schilderen, schildert hem wellicht net zo als die realistische schilder die daar vorige week zat te schilderen. Mag de één naar de ander gaan en zeggen: ‘Ho us, je doet me na, dit is plagiaat !’
Is het plagiaat wanneer je in je liedje het zinnetje “I love you (met of zonder yeh, yeh)’ gebruikt ?
Voor je het weet zit je in een soort Apple – Samsung welles-nietes-gedoe. Die liggen al een poos met elkaar overhoop waar het gaat om rechten van bepaalde uitvindingen.

Toch heeft de man van de bewuste foto gelijk. Ik zou beter moeten opletten wanneer ik een foto ‘leen’. Beter zou zijn te overwegen om er zelf wat te maken. Maar dat gaat allemaal in een hurry, daar heb ik weinig tijd voor.
Over copyright valt nog te twisten in mijn opinie. Voor mij staat in ieder geval vast dat, wanneer er overduidelijk sprake is van de speling van de fantasie, dus de werkelijke creatie zichtbaar is, iets unieks gemaakt is, anderen daar vanaf zouden moeten blijven. Dat is klip en klaar. Dat geldt voor zowel muziek als voor film, fotografie of andere beeldende kunsten.

Het gaat mij meer om zomaar een nummer in een straat, op een huis of een postbus. Een rookpaal op het station of een roestig bakje in een weiland. Een omgewaaide boom of een weggeworpen fiets. Van die dingen die je zomaar voorbij zou kunnen zien flisten wanneer je in de trein naar buiten kijkt ..

 

Week 2


Op 6 januari 2013, in Blik op de week, door Ron

‘Een nieuw jaar met nieuwe kansen’, zoals mij onlangs verteld werd. Zelf geloof ik daar niet zo in, hoewel het kunnen beginnen met een schone lei soms voordelen kan bieden. Nee hoor, ik ga gewoon op dezelfde voet verder en zie wel welke kansen mijn pad kruisen.

Het is even over enen en ik ben nog niet zo lang het steetje uit. Nog helemaal niet klaar om de straat op te gaan, maar goed, dat was ik nog niet van plan. Ik zit aan een bakkie en op de achtergrond klinkt easy-listening internetradio. Het weer ziet er aanlokkelijk uit. Mooi, want er staat een fiets-en wandelevenement gepland op ons eiland. Met dit weer trekt dat ongetwijfeld wat bezoekers. Voor degenen die het leuk vinden hè, om op hun vrije zondag te gaan wandelen of te gaan fietsen. Ieder zo zijn hobby.

In de afgelopen vakantie heb ik het niet of nauwelijks gedaan. In mijn agenda gekeken. Hoewel dat enigszins beviel, heb ik nu toch ook wel weer zin om te gaan beginnen. Afgezien van al die nieuwjaarswensen, daar heb ik werkelijk een hekel aan, ben ik er weer klaar voor. Opgeladen en uitgerust.

Dat moet ook wel, want in sommige gevallen wordt er echt een beroep gedaan op je weerbaarheid en zouden sommige reacties van mensen je ontmoedigen om de dingen te doen die je doet. Politiek gezien wordt het best een pittige maand. Het onderwijs in de kleine kernen staat op de rol en in het verlengde daarvan, de gemeentelijke visie op onderwijs in de toekomst. Iedereen die me hier een beetje volgt weet dat ik daar behoorlijk wat tijd in heb gestoken. Alle scenario’s zijn zorgvuldig bekeken op haalbaarheid en de diverse kwaliteitsaspecten. Soms kom je dan tot de conclusie dat de bestaande situatie niet gehandhaafd kan blijven. Hoezeer je dat ook zou willen, hoe sterk je je daar ook voor gemaakt hebt. Ik heb daar uren tijd ingestoken. Afwegen, afwegen en afwegen. Ondertussen is er met heel wat mensen gesproken en die kunnen helaas niets anders concluderen. Noord-Beveland heeft te maken met krimp en sommige gevolgen daarvan zijn niet te ontwijken zonder daarbij concessies te doen die de kwaliteit zullen schaden.

Vreemd genoeg is dit aanleiding om vanuit een bepaalde hoek enkele oorvegen toegeworpen te krijgen. Dat is niet leuk. Wanneer daarbij ook nog eens wordt beweerd dat je je best er niet voor hebt gedaan, dan is het helemaal wrang. Situaties waarin je soms het bijltje erbij neer zou willen gooien of een pittige discussie zou willen aangaan. Dat doe ik geen van beide. Bijltjes gooi ik er nooit bij neer en aan oeverloze discussies waag ik me al een tijdje niet meer. Mensen met een agressieve houding, in woord of geschrift, hoe zeer ik dat ook begrijpen kan, zijn bij mij aan het verkeerde adres. Ik lees de reacties wel, maar reageer er niet meer op. Ik incasseer gewoon en houd me bezig met mensen die in ale redelijkheid wel waarderen dat je je nek uitsteekt ook al haalt het uiteindelijk niets uit.

Op maandag staat er een nieuwjaarsreceptie gepland van de stichting. Die is op de school in Kortgene. Ik sla me daar wel doorheen en aan de andere kant is het ook weer leuk om alle collega’s te ontmoeten. De gemeentelijke receptie heb ik dit jaar overgeslagen. We waren overeengekomen dat dit soort gebeurtenissen niet onnodig geld moesten kosten en dat is in mijn ogen wel gebeurd. We hebben een prachtige gemeenteloods hier in de buurt, ik zag geen reden om daarvoor een partyboerderij af te moeten huren.

Op dinsdag staat er een directeurenoverleg gepland. Natuurlijk is daarvoor nog geen agenda, maar ik denk wel dat ik weet waar het zo’n beetje over gaat.
‘s Avonds hebben we een fractie-overleg ter voorbereiding van de raadsvergadering van donderdag. Hoewel de agenda best flink is, staan er maar weinig onderwerpen op waarin de raad, of onze fractie, een nieuwe richting zou kunnen bepalen.

Op woensdag staat er niets en dat is maar goed ook. Dan kan ik op school eens wat orde op zaken gaan stellen. Ik heb in de vakantie helemaal niets meer gedaan, jawel, sjeem on mie, behalve de post redden van wat vuurwerkaanvallen.

Op donderdag staan er twee afspraken waarvan ik niet zeker weet of die nog wel door moeten gaan. Ik zal in de loop van de week eens rondbellen om te horen of ik de enige ben die daar zo over denkt.
‘s Avonds staat er dus een raadsvergadering. Niet bij alle onderwerpen kan ik er iets van vinden. Dat is het nadeel van de ‘petten’ die je op hebt. Maar iedereen zal kunnen begrijpen dat je je niet voor of tegen je eigen werkgever uitspreekt. Dat is zowel naar de raadscollega’s als naar de stichting ongepast. Gelukkig ben ik nauw betrokken geweest bij het voorbereidende werk en zie vooralsnog geen verrassingen, behoudens de mening van één fractie.

Op vrijdag draai ik de zeven-acht-combi, want Michiel heeft een ADV. Dat is een leuke afsluiter van de week. Het is een grote groep en een enthousiaste groep, maar met de juiste afspraken kun je daar een hele leuke dag mee beleven. Dat is voor zowel de kinderen als voor mij genieten. Jawel, naar die onderwisjdagen zie ik best wel uit. Een welkome afwisseling van mijn toch ‘andersoortig’ werk.

Dan ga ik straks maar eens in de straatkleren. Er staat een etentje gepland met mijn zoon en zijn vriendin. Leuk om het nieuwe jaar mee te beginnen. En nee, zijn restaurant is niet permanent gesloten, maar nu even wel vanwege het feit dat er weinig klandizie is en hij een goed betaalde klus in het buitenland kon aanpakken.
Ik heb mijn vakantie redelijk rustig doorgebracht. Ik heb wat familiebezoeken ingehaald, want dat komt er niet van tijdens de ‘normale’ weken. Ik heb me wat schoenen en kleding aangeschaft en ik heb al mijn oude kostuums gepast. Een paar maanden geleden had ik ze van de stomerij mee naar huis genomen en ik kon die kostuums niet meer aan. Ik dacht dat ze de kleding wellicht te heet gestoomd hadden, maar dat bleek niet het geval. Ik was dikker geworden. Zelfs een maatje groter, drieënvijftig, was hijsen en proppen geblazen.
Na het toepassen van wat andere eetgewoonten en het laten staan van de alcohol, pas ik de kostuums weer. Jawel, ijdelheid breekt wetten en gewoontes. Nu nog stoppen met roken en ik leef weer helemaal gezond. Misschien kom ik daar ooit nog eens aan toe.