Jongens


Op 30 juli 2017, in Algemeen, door Ron

sire_jongens‘Laat jij jouw jongen genoeg jongen zijn ?’ is de titel van de nieuwe campagne van SIRE. Ik zag hem vorige week voorbij komen op televisie.
De campagne richt zich er voornamelijk op dat jongens zich anders ontwikkelen dan meisjes, maar daar onvoldoende de ruimte voor krijgen, omdat ‘jongensgedrag’ vaak wat (te) wild is en minder wordt gewaardeerd door de omgeving.
Jongens zouden zich beter ontwikkelen door veel te bewegen, door te experimenteren, te ontdekken of door bepaalde risico’s te nemen.

En ik moet je eerlijk bekennen dat het me wel even liet nadenken. Over mijn eigen jeugd, over de opvoeding die ik mijn eigen zoon heb gegeven en natuurlijk de jongens op school.

In mijn jeugd was ik veel op straat te vinden, omdat ik binnen niet zoveel had. Een straatjochie met straatvriendjes, waaronder goede en slechteriken. Daar kom je vanzelf wel achter. In mijn tijd was er trouwens nog niet zoveel om je binnen mee bezig te houden, dus je zocht je heil al gauw buiten. Mijn vader was vaak te druk met werken en mijn moeder vond al die levendigheid in huis geen geweldig plan. De kans op rottigheid was voor mij binnen eigenlijk groter dan buiten. Mijn broer was wat serieuzer en mijn zus was een echt meisje, zoals in het rolpatroon waarmee ik groot geworden ben. Ik hoefde niet gek te doen voordat ik bonje kreeg met iemand in huis. Met het hele gezin in één autootje was destijds dan ook een regelrechte ramp.
Ik zocht dus zelf de ruimte op om ‘jongen’ te zijn..

Mijn eigen zoon heb ik ook best vrij gelaten in bepaalde opzichten. Lekker veel naar buiten en als je daar niets te doen hebt, kom je gewoon naar binnen, maar moeten hoef je niets. Ik ben zelden boos geweest op mijn zoon, ook niet in zijn puberteit.  En ik denk omdat dat kwam dat ik niet vaak ergens een probleem van maakte. Toch bespraken we een berg, maar meer als maatjes. Ik weet nog dat ze van het voortgezet onderwijs belden met de mededeling dat het echt niet goed ging. Ik vond het echter niet mijn taak om mijn zoon ervan te overtuigen dat de lessen boeiend waren. Dat heb ik herhaald op de rapportbespreking. Ik wil er zijn voor mijn zoon wanneer hij het moeilijk heeft, op welke manier dan ook, maar als hij met tegenzin naar school gaat, dan is dat toch echt niet mijn probleem.
Maar mijn zoon heeft wel ruimte genoeg gekregen om zich te ontwikkelen, denk ik.

En om nu te zeggen dat jongens op dit moment anders zijn dan anders, zoals in de SIRE-campagne gesteld wordt, dat gaat me wat te ver. Jawel, ik denk dat wanneer ‘men’ een kind veel op straat ziet, men daar wel een mening over heeft. Maar dat kan wat mij betreft ook een meisje zijn. Ik zie dat verschil niet zo, ook niet in de manier van ontwikkelen. Het ene kind ontwikkelt zich nu eenmaal anders dan het andere. Dat je als kind minder ruimte krijgt, dat denk ik wel, maar vergeet daarbij niet dat de maatschappij ook is veranderd. Van mij had de titel: ‘Laat jij jouw kind genoeg kind zijn ?’ een betere keuze geweest.
Ik ben van mening dat kinderen vandaag de dag te weinig vrije ruimte krijgen en dat er teveel geregeld is. De maatschappij is immers meer geregeld dan voorheen, veel mensen verwachten ook dat kinderen een geregeld bestaan moeten hebben en ik zie dat er steeds meer mensen zijn die niet zoveel met kinderen hebben.

Verder, en dat zien we in het onderwijs natuurlijk als geen ander, zijn de man-vrouw verhoudingen wat zoek en heb je als kind wel erg vaak met vrouwen te maken. Vaak krijg je les van een juf, doorgaans een uurtje of vijf per dag, zie je bij de opvang vaak een juf of bij de vereniging en als je een beetje pech hebt ben je een kind van gescheiden ouders, dat negen van de tien keer bij hun moeder gaat wonen. En als je veel pech hebt wordt je dan ook nog eens betrokken bij alle volwassen problemen die daarmee gepaard gaan.

Maar goed, ik denk dus dat het niet zo zeer gaat om de manier waarop je je als kind ontwikkelt, maar om de ruimte die je krijgt om je te ontwikkelen. De rol van de ouder hierin is, overigens net als vroeger, erg groot.
Of je nu een jongen bent of een meisje.

 

Adriaen Coorte


Op 23 juli 2017, in Kunst en cultuur, door Ron

vanitasIk had het laatst op Twitter met iemand over Adriaen Coorte. De dame had er nog nooit van gehoord en ik tot voor kort ook niet, totdat ik een maandje of twee geleden wat sites bezocht over kunst en stillevens in het bijzonder.
Ik kan soms erg geboeid raken door schilderijen. Meestal iets surrealistisch of magisch realistisch, maar ook zeer gedetailleerde stillevens trekken mijn aandacht.
Ik heb er hier in huis zelfs een aantal aan de muur hangen. Weliswaar geen Coortes, maar tafereeltjes die mij op de één of andere manier boeien.

Wie was die Adriaen Coorte eigenlijk. Dat ik er, en jij waarschijnlijk ook, nog nooit van gehoord had is niet zo bijzonder. Tot half twintigste eeuw had bijna niemand er iets van gehoord of gezien, terwijl de man half zeventiende eeuw geboren is. Zo’n zestig jaar geleden is de man door de directeur van het museum in Dordrecht ‘herontdekt’. Nu hangt zijn werk overal en geniet de man bekendheid. Het Zeeuws museum heeft ternauwernood nog een schilderij van hem kunnen aankopen, dat jaren hing in het burgerweeshuis van Zierikzee. Een zogenaamde vanitas (zie inzet).

Vanitas is een veel gebruikte term in de schilderkunst en heeft te maken met de symboliek van geschilderde objecten. Schedels, gedoofde kaarsen, omgevallen wijnglazen, verwelkte bloemen of verstofte boeken stonden vaak symbool voor de vergankelijkheid van het aardse leven. Leuk om te weten, maar ik kan met name gefascineerd raken door de nauwkeurigheid waarmee de dingen geschilderd zijn en de compositie van het tafereel.

Maar Adriaen Coorte, onthoudt die naam, een Zeeuws kunstenaar. Geboren in IJzendijke en overleden in Middelburg of Vlissingen, daar is men niet zeker van. Heeft gewerkt in Amsterdam en heeft daar waarschijnlijk het vak geleerd en inspiratie opgedaan bij Melchior d’Hondecoeter (overigens een geinige naam voor iemand die voornamelijk dieren schilderde). Coorte schilderde geen dieren, maar hield het vooral bij schelpen, aardbeien, perziken, bessen en ander fruit. Een zeer geliefd onderwerp van de schilder was de asperge:

asperges

Na wat zoeken op internet kom ik erachter dat het geboortehuis van Coorte er nog staat. Markt 3 in IJzendijke. Ik ga op dat marktje af en toe wel eens een frietje eten op een bankje. Ik weet zeker dat ik vanaf nu met andere ogen naar dat huis zal kijken. Coorte is er alleen maar opgegroeid. Na het overlijden van zijn vader is zijn moeder met de kinderen naar de Gortstraat in Middelburg verhuisd. Petronella, zo heette de moeder, ging daar in het tuinhuisje van de woning van haar vader wonen.

Ik sluit af met een fotootje van dat huis in IJzendijke.

markt3

 

Vakantie


Op 16 juli 2017, in School, door Ron

vakantieDe vakantie is aangebroken voor de regio zuid Nederland. De regio midden heeft al een week te pakken en de regio noord moet nog een weekje wachten. Vakantiespreiding heet dat, we krijgen in drie stukken vakantie. Geen idee waarom, maar het zal ongetwijfeld een bedoeling hebben, wellicht een economische. Het vakantieseizoen wordt op deze manier alles bij elkaar wat langer.

Hoe dan ook, onze schooldeuren zijn zes weken gesloten voor leerlingen. En dat is dik verdiend, want we hebben een mooi schooljaar achter de rug. In alle opzichten. Weinig ziekteverzuim bij leerkrachten, weinig gedoe bij leerlingen onderling, leuke contacten met ouders, stevige plannen in de steigers gezet en dat is allemaal wel eens anders geweest. Naar mijn gevoel zijn we qua pedagogisch klimaat met de school waar we zijn moeten. Nu wordt het tijd om andere zaken aan te pakken. Uitdagingen genoeg (zoals altijd).

Wel hebben we dit schooljaar afscheid moeten nemen van twee dijken van leerkrachten. In februari vertrok er een leerkracht naar Wilhelminadorp om er directeur te worden en afgelopen week hebben we afscheid genomen van een leerkracht die directeur geworden is op mijn oude schooltje hier op het dorp. We zijn zo’n beetje hofleverancier van directeuren geworden, maar twee van die vertrekken in één schooljaar tijd is misschien wel iets teveel van het goede. Dat laat wat ‘gaten’ achter. We krijgen er gelukkig wel weer prima leerkrachten voor terug. Oude bekenden, waarvan ik weet dat ze wat in hun mars hebben.

Voor mij, en ook een aantal andere collega’s, is het nog geen vakantie. Ik heb nog werk te doen, zaken af te ronden, en daar ben ik de komende week nog wel zoet mee. Ik kan wel mijn eigen uren indelen, dus ik hoef er niet perse vroeg uit. Ook is het in de school een rommeltje, zodat ik minimaal één dag met de Caddy richting Kloetinge ga om vuilnis en rommel af te voeren. Er staat donderdag nog een overleg gepland met de gemeente over de aanstaande nieuwbouw. Ik weet niet wat het overleg inhoudt, maar zeker is dat het over geld gaat. Er ligt een mooi ontwerp, maar anderhalf miljoen blijkt dus ontoereikend om het te verwezenlijken. Ja, het leek in eerste instantie veel, maar nu blijkt het erg weinig. Ik heb eens geïnformeerd bij andere nieuwbouwende collega’s in andere gemeenten en die blijken een veel ruimer budget te hebben. Minimaal het dubbele. Afwachten dus.

Wat ik verder in mijn vakantie ga doen, dat zie ik wel. Net als anders dus. Wil ik weg, dan ga ik weg en anders is er nog genoeg te klussen, want dat houdt nooit op. Tussendoor een beetje Tour de France kijken en van de cabrio genieten. Ik ga gewoon de dag plukken zoals hij komt.

Veel plezier gewenst in jullie vakantie !
Geniet ervan.

 

N255


Op 9 juli 2017, in Dagelijkse beslommeringen, door Ron

n255Het is eigenlijk de enige ‘serieuze’ weg op Noord-Beveland, de N255 of Oost-Westweg. En zoals de naam al doet vermoeden loopt de weg van oost naar west of, zoals je wilt, van west naar oost. Volgens Wegenwiki is het een tweestrooks stroomweg met een maximum snelheid van honderd kilometer per uur, waar inhalen niet is toegestaan.

Dat veel Noord-Bevelanders gebruik maken van deze weg behoeft geen uitleg; het is zowat de enige weg om van het eiland af te komen. Ik gebruik deze weg dagelijks, soms vier keer per dag, wanneer ik ‘s avonds nog moet werken. En dan gaat het een beetje je eigenweg worden. Ik weet niet hoe andere bewoners dat ervaren, maar het is een beetje onze weg. Je kent er elk hobbeltje en elke bocht, hoewel er van beide niet zoveel zijn, want die Oost-Westweg ligt er eigenlijk altijd strak bij. Ik vind het een mooie weg, die heel relaxt rijdt.

Een stroomweg is het echter niet, want bij Wissenkerke moet je toch even in de remmen voor een rotonde, maar dat is eigenlijk het enige oponthoud dat je tegenkomt. We hebben ook borden voor overstekend wild. En ja, dat is geen loze waarschuwing. In de ruim vijfendertig jaar dat ik de weg gebruik, heeft er al menig automobilist een dier aangereden. Zelf heb ik een aantal keren dieren gezien, maar nooit midden op de weg. Dus het blijft echt uitkijken geblazen wanneer je langs het bos rijdt.

Ik denk dat ze zo’n anderhalve maand geleden begonnen zijn met het plaatsen van gele borden. En ik weet niet hoe dat bij jou gaat, maar bij mij duurt het altijd even voordat ik besef wat er op die borden staat. Pas wanneer ik er een aantal keren voorbij gereden ben, wordt het duidelijk. De Oost-westweg krijgt een nieuw jasje en dat gaan ze tussen die en die datum ‘s avonds en ‘s nachts doen. Dit gebeurt wel meer en ik hield al redelijk rekening met wat hinder door omrijden.
Maar ik moet eerlijk zeggen, dat ik er bar weinig van gemerkt heb. Ik moest op drie avonden omrijden. maar overdag kon je gewoon gebruik maken van de weg. Dan kon je niet overal volle bak, maar veel oponthoud was het zeker niet. En het leuke was, dat je elke dag het wegdek zag veranderen. Oude dek eraf, eerste laag erop, nieuwe toplaag, verfstrepen en als laatste een mooie groene strook in het midden. En dat herhaalde zich een aantal keren.

Als een weg blij kon zijn, dan was het wel onze Oost-westweg. Ze ligt er weer mooi te zijn, met diepzwart, helder wit en frisgroen. Kan ze er weer jaren tegen, want, zo las ik ergens op internet, per dag gaan er tussen de acht- en negenduizend voertuigen overheen. Dat is meer dan het totaal aantal inwoners van onze gemeente.

Maak jij ook gebruik van onze Oost-westweg ?
Veel plezier ermee en geniet ervan !

 

Opgeruimd


Op 2 juli 2017, in Dagelijkse beslommeringen, door Ron

kledinghoopHet is niet direct een walk-in-closet, die kledingkast van mij, maar een omgebouwde bedstee, die plaats biedt aan een berg kleding. Alles tesamen zo’n drie meter aan kledingstukken, waarvan ik vorig weekend dacht dat ik maar eens een grote opruiming moest houden. Niet dat er allemaal versleten spullen hingen, maar vooral zaken die ik niet meer aantrek. Niet vanwege het feit dat ik het niet mooi meer vond, maar eigenlijk vanwege het feit dat ik me er met geen mogelijkheid meer ingewurmd krijg.

Lange tijd had ik gewoon een pefecte maat, ik kon zo alles bestellen op internet of direct naar de juiste kledingstukken pakken in de winkel. Maar met de jaren, denk ik, wordt mijn lijf hier en daar wat forser, vooral daar, en dat zijn geen spieren. In het begin krijg je die broek nog wel aan, maar op den duur gaat het toch vervelend knellen en besluit je toch maar een maatje groter te proberen.
En in gedachten hoop je dat het wel weer ‘bijtrekt’, dus je gaat niets opruimen. De kostuums zijn immers nog netjes en goed.

Vorig weekend heb ik me er dus bij neergelegd. Als ik ooit nog kilo’s verlies, dan koop ik wel iets nieuws of trek de broekriem wat verder aan, maar aan die uitpuilende kledingkast van mij moest iets gebeuren en ruimde ik alle kleding op die ik niet meer paste. Ik paste bij elk kostuum de broek nog voor een laatste keer en besloot aan de hand daarvan of het opgeruimd moest worden of niet. Dan kon ik natuurlijk overal nog wel het colbertje van bewaren, maar dat heb ik niet gedaan.

Ik weet niet wie er straks mijn vuilniszakken opentrekt die ik in de container bij het leger des heils heb gedropt, maar die zal wel eens denken. Een kostuum of vijftien. Mooie combinaties van broeken en colberts, hier en daar een giletje erbij, sommige nog met het labeltje van de stomerij en sommige nog met de labels van de fabrikant. Ergens hoop ik maar dat er iemand nog blij mee gemaakt kan worden, want om die pakken voorgoed bij de afgedankte kleding te sorteren, zou wat zonde zijn.

Ik heb weer een metertje vrij in mijn kast. Er kan dus weer wat bij en aan de andere kant is dat ook wel weer leuk, want ik koop graag kleding en nee, dat hoeft niet altijd duur te zijn. Ik heb wel altijd de eigenaardigheid dat, wanneer ik een mooi pak heb gekocht dat lekker zit, ik er nog eentje koop. Dat heb ik eigenlijk ook bij schoenen (jawel, daarvan heb ik er ook behoorlijk wat). Verder kan ik wel een winkeltje beginnen in stropdassen of overhemden.

Wat dat aangaat lijk ik wel een beetje een vrouw.
Of zouden er meer mannen zijn die last hebben van zo’n kledingtic ?